Neeltje Claesdr van der Speck (Verspeck)

Neeltje Claesdr van der Speck (Verspeck)

Vrouwelijk vóór 1505 - vóór 1556  (< 51 jaar)

Tijdlijn-breedte:      Verversen

Tijdlijn



Verwijderen
 
 




   Datum  Gebeurtenis(sen)
993 
  • 993—1524: Fries - Hollandse oorlogen
    De Fries-Hollandse oorlogen waren meerdere korte oorlogen (veldslagen en -tochten) in de middeleeuwen van Holland tegen Friesland en West-Friesland.
1012 
  • 1012—1323: Strijd tussen Vlaanderen en Holland om Zeeland Bewestenschelde
    Het rechtsgebied Zeeland Bewestenschelde werd van het begin van de 11e eeuw tot het begin van de 14e eeuw betwist door de graven van Vlaanderen en Holland. De kiem van het conflict werd gelegd in 1012, maar voor zover bekend is er pas in 1165 voor het eerst gevochten tussen beide partijen.[2] De militaire strijd, afgewisseld met lange perioden van gespannen vrede, duurde voort tot 1315, waarna in 1323 definitief te Parijs vrede werd gesloten.[3] Zeeland stond aanvankelijk bekend onder de Latijns naam maritima loca, letterlijk plekken aan zee. Tussen 1162 en 1189 werd de naam Zeelandia voor het eerst gebruikt. In dit gebied bevonden zich drie gouwen: Scaldis, Walachria en Bevelandia. Het belang van Zeeland lag zowel in de beheersing van de scheepvaartroutes en daarmee de tolinkomsten, als de aanwezigheid van zeeklei die de verbouwing van graan mogelijk maakte.
1203 
  • 1203—1206: De Loonse oorlog
    Graaf Dirk VII van Holland stierf op 4 november 1203 en had alleen dochters voortgebracht, waarvan bij zijn overlijden alleen zijn dochter Ada nog in leven was. Op zijn sterfbed liet hij weten met zijn broer Willem van Friesland te willen praten over zijn opvolging. Zijn vrouw, gravin Aleid van Kleef die in 1195 bij Alkmaar al eens een veldslag had gevoerd tegen Willem, wilde echter dat Ada de erfenis zou krijgen.[3] Omdat het Graafschap Holland een zwaardleen was en geen spilleleen, had Ada als vrouw geen recht om het graafschap te erven, maar Aleid probeerde dit toch voor elkaar te krijgen door haar snel met een man te laten trouwen.[4] Nog voor haar vaders begrafenis trad Ada, 15 jaar oud, met graaf Lodewijk II van Loon in het huwelijk, dat door haar moeder was gearrangeerd.[1] Op weg naar haar vaders begrafenis werd zij opgewacht door getrouwen van haar oom Willem, waarna zij zich in de burcht van Leiden verschanste.
1244 
  • 1244—1254: Vlaams-Henegouwse Successieoorlog
    De Vlaams-Henegouwse Successieoorlog was een serie feodale conflicten in het midden van de dertiende eeuw tussen de kinderen van Margaretha II van Constantinopel, de gravin van Vlaanderen. De inzet van de conflicten was de troon van het graafschap Vlaanderen enerzijds en het graafschap Henegouwen anderzijds. Toen Boudewijn I van Constantinopel, de graaf van Vlaanderen en Henegouwen, in 1202 met de Vierde Kruistocht naar Byzantium vertrok, liet hij het bevel over de twee graafschappen aan zijn oudste dochter Johanna van Constantinopel. Ondanks twee huwelijken, bleef Johanna kinderloos. Hierdoor kwamen de twee tronen in 1244 na de dood van Johanna bij diens jongere zuster, Margaretha, terecht. Uit een eerste huwelijk, dat reeds in 1221 ontbonden werd, had Margaretha al drie kinderen gekregen, waaronder Jan van Avesnes. In 1223 hertrouwde Margaretha met Willem II van Dampierre, waaruit de kinderen Willem III van Dampierre en Gwijde van Dampierre voortkwamen.
1337 
  • 1337—1453: Honderdjarige oorlog
    De Honderdjarige Oorlog was een reeks oorlogen, gevoerd van 1337 tot 1453, door het huis Valois en het huis Plantagenet, ook bekend als het huis Anjou, om de Franse troon, die vacant was door het uitsterven van het huis Capet, de eerste lijn van Franse koningen. Het Huis Valois maakte aanspraak op de titel van koning van Frankrijk terwijl de Plantagenets aanspraak maakten op zowel de troon van Frankrijk als van Engeland. De Plantagenets waren de heersers van het koninkrijk Engeland tijdens de 12e eeuw en hadden hun wortels in de Franse gebieden van Anjou en Normandië (het Angevijnse Rijk van Hendrik II van Engeland). Het conflict duurde 116 jaar, onderbroken door verscheidene periodes van vrede, voordat het uiteindelijk eindigde door het verdrijven van de Plantagenets uit Frankrijk (behalve uit Calais). Het resultaat was een overwinning voor het huis Valois. De oorlog had de Valois wel bijna geruïneerd, terwijl de Plantagenets zichzelf hadden verrijkt door plundering. Frankrijk leed sterk onder de oorlog omdat het grootste gedeelte van het conflict plaatsvond op Frans grondgebied. De "oorlog" was in feite een reeks van conflicten en wordt meestal onderverdeeld in drie of vier fasen: de Oorlog van Eduard (1337–1360), de Oorlog van Karel (1369–1389), de Oorlog van Lancaster (1415–1429) en het trage verval van de Plantagenets (1429–1453) na de verschijning van Jeanne d'Arc (1412–1431).
1346 
  • 1346—1351: Pestpandemie 'De Zwarte Dood'
    De Zwarte Dood is de naam voor een pandemie die tussen 1346 en 1351 in Europa woedde en vele slachtoffers maakte, soms tientallen procenten van de bevolking. De epidemie kostte wereldwijd tussen de 75 en 100 miljoen mensen het leven. De pestepidemie greep in de rampzalige veertiende eeuw met politieke en religieuze instabiliteit (Honderdjarige Oorlog en de Babylonische Ballingschap der pausen naar Avignon) en grondige klimaatveranderingen met misoogsten en hongersnood om zich heen.
1350 
  • 1350—1490: Hoekse en Kabeljauwse twisten
    Het conflict tussen de Hoeken en Kabeljauwen was een strijd tussen verschillende facties binnen de elite van het graafschap Holland. Adel en steden waren erbij betrokken. De strijd woedde bij tussenpozen vanaf de tweede helft van de 14e eeuw tot het eind van de 15e eeuw. De oorsprong van het conflict lag in het kinderloos overlijden op 26 september 1345 van de 38-jarige graaf Willem IV van Holland tijdens de Slag bij Stavoren. Door de huwelijkspolitiek van zijn vader, graaf Willem III, konden de koningen van Engeland en Frankrijk en de keizer van Duitsland alle drie aanspraak maken op de opvolging. Als opperleenheer beleende keizer Lodewijk IV zijn tweede vrouw Margaretha II van Henegouwen (of Margaretha van Holland), de oudste zuster van Willem IV, op 13 januari 1346 met de graafschappen Holland en Henegouwen. Willem had er een dure politiek op na gehouden, vooral door zijn vele veldtochten. Om die te financieren verstrekte hij tegen betaling privileges. Hij nam vertegenwoordigers van de steden op in het Hof van Holland. De steden groeiden in deze periode uit tot een belangrijke machtsfactor. Na het overlijden van Willem IV zagen edelen die niet in de raad waren opgenomen, hun kans afnemen om belangrijke posities en daarmee inkomsten voor zichzelf op te eisen. In de steden heerste onrust vanwege de zware financiële verplichtingen die men was aangegaan voor Willem IV. Margaretha en haar regent en oom Jan van Beaumont, de jongere broer van Willem III van Holland, konden deze verplichtingen niet voldoende verminderen en slaagden er niet in om de onrust weg te nemen. In september 1346 werd de dertienjarige Willem V, de vierde zoon van de voormalige keizer en diens tweede vrouw Margaretha, belast met het bestuur over Holland en Zeeland. Gezien zijn leeftijd bleef de macht nog in handen van Jan van Beaumont. Ondertussen was er nog steeds oorlog met de Friese landen en het Sticht Utrecht. Op 5 januari 1349 stelde Margaretha haar zoon aan als graaf en bedong daarbij een uitkering van 15.000 gulden en een jaargeld van 6.000 gulden. De ernstige financiële situatie werd nog verergerd door de eerste uitbraak van builenpest in de Lage Landen (Zwarte Dood). Onder deze omstandigheden wezen de steden en edelen deze uitkeringen af bij hun treffen in het toen nog Hollandse Geertruidenberg in maart 1349. Het gezag van Willem V boette hierdoor fors aan macht in.
1517 
  • 1517: Reformatie
    De protestantse Reformatie is het zestiende-eeuwse schisma binnen het westerse christendom, dat ingezet werd door Maarten Luther, Johannes Calvijn en andere vroege protestanten. Het startpunt wordt traditioneel in 1517 gesitueerd, toen de augustijner monnik Maarten Luther zijn 95 stellingen openbaar maakte. Dankzij de boekdrukkunst werden zijn ideeën snel verspreid. In zijn disputatio klaagde Luther het machtsmisbruik van de clerus met aflaten aan binnen de Rooms-Katholieke Kerk. Gedrukte pamfletten in de volkstaal verhoogden de betrokkenheid van mensen die geen Latijn kenden. De reactie van de officiële Kerk kwam te laat; toen in het midden van de zestiende eeuw de Contrareformatie werd ingezet, was de breuk al een feit. Een groot deel van de Europeanen was gewonnen voor een hervorming van de Kerk, en bijna de helft ging over naar het protestantisme. Omdat de geestelijke macht en wereldlijke macht niet gescheiden waren, leidde dit tot een reeks godsdienstoorlogen die meer dan een eeuw zouden duren. Dit betekende het definitieve einde van het ideaal van de res publica christiana, de christelijke staat waarin keizer en paus samenwerkten. Hoewel dit ideaal met de banale revolutie en de Investituurstrijd tussen keizer en paus al langer onder druk stond, maakte het einde van de geloofseenheid in Europa de weg vrij voor de soevereine staat, een belangrijke overgang van de middeleeuwen naar de moderne tijd.



Snelle Links

Contact

Contact
Achternamen
Historie

Bericht Webmaster

Ik doe er alles aan om het onderzoek te documenteren. Als u iets heeft dat u zou willen toevoegen, neem dan contact met mij op.