Lodewijk VI van Frankrijk

Mannelijk 1081 - 1137  (~ 55 jaar)


Generaties:      Standaard    |    Compact    |    Verticaal    |    Alleen tekst    |    Register    |    Tabellen    |    PDF

Generatie: 1

  1. 1.  Lodewijk VI van Frankrijk is gedoopt op 1 dec 1081 in Parijs; is gestorven op 1 aug 1137 in Béthisy-Saint-Pierre.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • Referentienummer: Huis Capetingen
    • Recordnummer: 14602

    Aantekeningen:

    Lodewijk VI, volledig: Lodewijk Theobald, de Dikke, (Parijs, 1 december 1081 – Château de la Douye te Béthisy-Saint-Pierre, 1 augustus 1137) was koning van Frankrijk van 29 juli 1108 tot 1137. Zijn bijnaam was letterlijk bedoeld, Lodewijk was dik en werd bij zijn leven al "de Dikke" genoemd. Lodewijk werd geboren in Parijs als zoon van Filips I van Frankrijk en Bertha van Holland (1055-1094).

    Lodewijk werd opgevoed in de abdij van Saint-Denis, samen met zijn latere raadsman Suger. In 1092 werd hij benoemd tot graaf van de Vexin en de steden Mantes-la-Ville en Pontoise. Dit plaatste hem in het front tegen Normandië/Engeland. Zijn vader verstootte zijn moeder om te kunnen trouwen met Bertrada van Montfort, wat leidde tot een politieke crisis in Frankrijk. De jonge Lodewijk bleef zo veel mogelijk weg van het hof. In 1097 nam hij deel aan de verdediging van de Vexin tegen Willem II van Engeland en in 1098 werd hij tot ridder geslagen.

    Ondanks de pogingen van zijn stiefmoeder om haar zoons koning te laten worden, werd Lodewijk in 1100 door zijn vader als erfgenaam aangewezen. In dat jaar maakte hij een reis naar Londen. Een poging van Bertrada om hem daar gevangen te laten nemen mislukte. Op de terugweg werd een aanslag op Lodewijk door een geestelijke verijdeld. In 1101 werd Lodewijk benoemd tot graaf van Vermandois. Zijn vader was toen al zo verzwakt dat Lodewijk in feite al als koning regeerde. Hij werd in 1101 vergiftigd maar werd genezen door een joodse arts.

    In 1104 verzoende Lodewijk zich met Bertrada en hij verloofde zich met Lucienne de Rochefort, een verwante van Bertrada. In 1107 verbrak Lodewijk de verloving, met een te nauwe bloedverwantschap als excuus. In 1106 accepteerde Lodewijk dat Hendrik I van Engeland Normandië veroverde, waardoor Engeland en Normandië weer een verenigd rijk werden.
    Koning

    Filips overleed op 29 juli 1108. Lodewijk was formeel zijn erfgenaam maar zijn positie werd bedreigd door zijn stiefbroers.
    Kroning

    Lodewijk werd op 3 augustus 1108 in grote haast te Orléans tot koning gekroond. De kroning kon niet in Reims (de gebruikelijke plaats voor de kroning van Franse koningen) plaatsvinden omdat die stad door een conflict over de bisschopsfunctie onder een interdict viel. Bovendien werd de stad gecontroleerd door Lodewijks halfbroer Filips en diens bondgenoot Theobald IV van Blois. Er waren nauwelijks grote vazallen of kerkvorsten aanwezig bij de kroning.

    De geldigheid van de kroning werd tevergeefs aangevochten door zijn halfbroers. Betrada besloot daarna om zich terug te trekken in een klooster. Guy van Rochefort kwam echter in opstand. Lodewijk veroverde zijn kasteel in Gournay-sur-Marne. Guy stierf en zijn partij werd nu aangevoerd door Hugo van Crécy, die zich weer verbond met Hugo van le Puiset. Omdat Hugo van le Puiset de fout maakte om de gebieden rond Chartres te plunderen, koos Theobald van Blois de kant van Lodewijk. Met de steun van Theobald kon Lodewijk zich handhaven, maar het gebied dat hij daadwerkelijk onder controle had was niet groter dan de regio rond Parijs, Orléans en Senlis. De rest van Frankrijk werd geregeerd door edelen die feitelijk onafhankelijk waren.
    Binnenlandse strijd

    Lodewijk was bijna 30 jaar koning en al die tijd was hij verwikkeld in conflicten met Normandië (en dus ook met Engeland) en lokale opstandige edelen en roofridders binnen zijn eigen domeinen. Vlaanderen en Vermandois waren meestal zijn bondgenoot, Blois en Anjou wisselden regelmatig van kant.

    In 1109 veroverde Lodewijk La Roche-Guyon, op de grens van Normandië. Zijn poging om in 1110 het sterke Normandische kasteel van Gisors te veroveren, liep echter uit op een nederlaag. Dit leidde tot enkele jaren van schermutselingen.

    Lodewijk veroverde het jaar daarop (1111) samen met Theobald IV van Blois Le Puiset en nam Hugo gevangen. Lodewijk bouwde in de omgeving een eigen kasteel, Toury. De Normandische edelman Robert I van Meulan brandschatte Parijs als vergelding voor plunderingen van zijn bezittingen door koninklijke troepen.

    Toen in 1112 de graaf van Corbeil zonder directe erfgenaam overleed, verklaarde de koning dat het graafschap terug toeviel aan de kroon. Theobald van Blois maakte echter ook een aanspraak op het graafschap en koos nu de kant van de opstandelingen. Lodewijk liet in reactie hierop Hugo van le Puiset vrij, met de afspraak dat die zich tegen Theobald zou keren. Ondanks zijn beloften sloot deze zich direct bij de opstandelingen aan, waarop Lodewijk een bondgenootschap met Robrecht II van Jeruzalem sloot. Hugo van le Puiset veroverde het kasteel van Toury maar Lodewijk wist het weer te heroveren. Lodewijk en Rudolf I van Vermandois versloegen in een veldslag Hugo van le Puiset, Hugo van Crecy, Theobald van Blois en anderen. Later dat jaar versloeg en doodde Theobald van Blois Robrecht van Vlaanderen in een veldslag bij Meaux.

    In 1113 sloot hij het eerste verdrag van Gisors met Hendrik I van Engeland. Lodewijk moest hierbij grote concessies doen. Ondertussen bleef Lodewijk evenwel de Normandische tegenstanders van Hendrik steunen. Ook sloot Lodewijk een bondgenootschap met Anjou.

    Lodewijk wist het jaar daarop (1114) ten slotte Hugo van Crecy en zijn familie te onderwerpen. Hugo werd monnik en zijn familiebezit werd door Lodewijk verdeeld: Bray-sur-Seine werd aan Theobald van Blois gegeven. Zelf hield hij Montlhéry, Gometz en Châteaufort. Lodewijk stuurde troepen naar Amiens ter ondersteuning van de bisschop tegen Thomas I van Coucy. Toen Thomas ook nog de moordenaars van de bisschop van Laon onderdak bood, liet Lodewijk hem excommuniceren.

    Lodewijk wist in 1115 Thomas te verslaan, maar kreeg tijdens de strijd een pijl in zijn borst.

    Na de onderwerping van Thomas en het overlijden van diens vader in 1116, gaf Lodewijk het graafschap Amiens aan Adelheid van Vermandois. Dit zou tot een langdurige vete tussen Thomas en de familie van Vermandois leiden.

    Lodewijk onderwierp in 1118 Hugo van le Puiset definitief en dwong hem om naar Palestina in ballingschap te gaan. Lodewijk steunde een opstand van Normandische edelen onder leiding van Willem Clito tegen Hendrik I van Engeland. Willem was een neef van Hendrik en eiste de titel van hertog van Normandië op, omdat Hendrik die titel in 1106 op zijn vader had veroverd. Lodewijk kon echter geen leger sturen door het verzet van Theobald van Blois, die Hendrik steunde. Hendrik wist de opstand grotendeels te onderdrukken.

    Nadat hij in 1119 Theobald had onderworpen en trok hij met zijn leger naar Normandië. Hij veroverde Ivry, maar werd verslagen bij Breteuil. Boudewijn VII van Vlaanderen werd door Hendrik verslagen en gedood. Een nieuwe inval van Lodewijk in Normandië mislukte en hij kon alleen door te vluchten aan gevangenneming ontsnappen. Fulco V van Anjou koos de kant van Hendrik en Lodewijk moest de strijd opgeven.

    Lodewijk intervenieerde in 1122 tegen de lokale graaf in Auvergne ten gunste van de bisschop. Het volgende jaar (1123) mislukte een nieuwe poging om Willem Clito aan de macht te brengen in Normandië.

    In 1126 kwam het opnieuw tot een interventie in Auvergne, waarop de graaf steun vroeg aan de hertog van Aquitanië, die er juist voor koos om nu de koning te huldigen.

    Lodewijk bestrafte in 1127 de moord op Karel de Goede door de betrokkenen van een toren in Brugge te laten werpen. Omdat Karel geen erfgenamen had, wees Lodewijk nu Willem Clito aan als graaf van Vlaanderen, maar die kreeg algauw met veel verzet te maken. Uiteindelijk werd Diederik van de Elzas als nieuwe graaf van Vlaanderen aangesteld. Tijdens Lodewijks afwezigheid kwam het tot een conflict tussen de koningin en de machtige kanselier Stephanus van Garlande, die steeds meer macht voor zichzelf en zijn familie trachtte te verwerven. Adelheid liet daarom de huizen van Stephanus en zijn partijgangers in Parijs verwoesten.

    Het volgende jaar (1128) kreeg Stephanus steun van Theobald van Blois en Hendrik I van Engeland. Na een beleg van twee maanden veroverde Lodewijk samen met Roeland van Vermandois zijn kasteel bij Livry. Lodewijk werd evenwel door een pijl van een kruisboog in het been getroffen en Roeland verloor een oog, maar de macht van Stephanus was gebroken. Hij verzoende zich met Lodewijk en zou zelfs nog een keer kanselier worden.

    In 1129 wees Lodewijk zijn oudste zoon, Filips, die zijn oogappel was, aan als opvolger en liet hem op 14 april tot medekoning benoemen. Het jaar daarop (1130) versloegen en doodden Lodewijk en Roeland van Vermandois Thomas van Marle, nadat die eerder Vermandois had aangevallen en een jongere broer van Roeland had gedood. Filips, Lodewijks medekoning en kroonprins, stierf op 13 oktober 1131 door een ongelukkige val van zijn paard. Lodewijk wees nu zijn zoon Lodewijk, die tot dan toe in de abdij van Saint-Denis was opgevoed, aan als opvolger, die door paus Innocentius II in Reims tot medekoning werd gezalfd en gekroond. In 1132 huldigde de graaf van Vlaanderen, Diederik van de Elzas, Lodewijk als zijn heer.

    Lodewijk trok in 1137, tegen het advies van zijn adviseurs, die van mening zijn dat hij door zijn zwaarlijvigheid (zijn bijnaam is letterlijk bedoeld en werd al tijdens zijn leven gebruikt) en chronische buikklachten niet tot deze onderneming in staat was, op tegen de roofridders van Saint-Brisson-sur-Loire. Lodewijk werd getroffen door dysenterie en overleed.
    Buitenlandse politiek

    Lodewijk trouwde op 28 maart 1115 met Adelheid van Maurienne, wat aangaf dat zijn ambities tot in het zuiden van Frankrijk reikten. In 1119 steunde hij de verkiezing van paus Calixtus II en kwam daarmee in conflict met keizer Hendrik V. In 1124 trok Hendrik V met een leger naar Frankrijk. Het lukte Lodewijk met de steun van Theobald van Blois en de hertog van Aquitanië om een groot leger op de been te brengen. De legers ontmoetten elkaar bij Metz en vanwege de onverwachte sterkte van het Franse leger besloot Hendrik om van strijd af te zien en zich terug te trekken.
    Bestuur

    Lodewijk werd door alle tijdgenoten beschreven als een vriendelijke en vrolijke man. Hij was ook een krachtdadige koning en van groot belang voor de vestiging van de koninklijke macht in Frankrijk. Onder zijn bewind bloeiden de economie en de steden in de gebieden die onder zijn bewind stonden. Vanaf 1110 gaf hij steden stadsrechten. Bij zijn dood was Parijs de grootste stad van Frankrijk. Lodewijk stichtte daar de abdij van Saint-Victor, de priorij van Saint-Lazare en een vrouwenklooster op de Montmartre. Hij stelde een jaarmarkt in te Parijs en liet de oude Romeinse brug door een nieuwe stenen brug vervangen. Lodewijk rekruteerde zijn dienaren uit de lage adel en geestelijkheid om zo de macht van de grote adellijke families in te perken. Hij dwong zijn directe vazallen om zijn wetten te hanteren en geen eigen wetten te maken. Lodewijk stelde een koninklijke raad in.

    In 1137 werd hij door de stervende hertog van Aquitanië belast met de taak om een goede echtgenoot voor zijn erfdochter Eleonora van Aquitanië te vinden. Lodewijk liet deze kans om de positie van de Franse kroon te versterken niet voorbijgaan en verloofde haar direct met zijn zoon en kroonprins Lodewijk VII van Frankrijk.

    Overleden:
    Château de la Douye

    Gezin/Partner: Adelheid van Maurienne. Adelheid en is gestorven. [Gezinsblad] [Familiekaart]

    Kinderen:
    1. 2. Koning van Frankrijk Lodewijk VII van Frankrijk  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is geboren in 1120; is gestorven op 18 sep 1180 in Saint-Pont, Frankrijk; is begraven in Basiliek St Denis, Saint Denis, Parijs, Ile de France, Frankrijk.


Generatie: 2

  1. 2.  Koning van Frankrijk Lodewijk VII van Frankrijk Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven (1.Lodewijk1) is geboren in 1120; is gestorven op 18 sep 1180 in Saint-Pont, Frankrijk; is begraven in Basiliek St Denis, Saint Denis, Parijs, Ile de France, Frankrijk.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • Referentienummer: Huis Capetingen
    • Recordnummer: 4806

    Aantekeningen:

    Lodewijk VII de Jongere (geboren 1120 – Parijs, 18 september 1180) was koning van Frankrijk van 1137 tot 1180.
    Lodewijk was de tweede zoon van Lodewijk VI van Frankrijk en Adelheid van Maurienne. Hij was daarom voorbestemd voor een geestelijk ambt en werd opgevoed door de abt Suger van St. Denis,
    de belangrijkste adviseur van zijn vader.

    In 1131 overleed zijn oudere broer door een ruiterongeluk en nu werd Lodewijk de kroonprins.
    Hij werd op 15 oktober 1131 gezalfd en tot medekoning gekroond. Er was nog een complot om Lodewijk te vervangen door zijn jongere broer Robert maar dat werd verijdeld.

    In 1137 overleed hertog Willem X van Aquitanië zonder mannelijke erfgenamen. Hij benoemde zijn oudste dochter Eleonora van Aquitanië tot zijn opvolger en verzocht Lodewijk VI om haar belangen te beschermen en een goede huwelijkskandidaat voor haar te vinden. Voor Lodewijk VI was dit een politiek wonder: het hertogdom Aquitanië met de bijbehorende graafschappen en steden was de grootste, rijkste en machtigste feodale staat van Frankrijk.
    Controle over Aquitanië zou de koning de kans geven om geheel Frankrijk werkelijk aan zijn gezag te onderwerpen – Lodewijk VI en zijn voorouders hadden alleen werkelijk macht over het gebied rond Parijs en Orléans gehad en de grote feodale vorsten vonden zichzelf gelijkwaardig aan de koning.

    Lodewijk VI besloot binnen een dag dat Eleonora met Lodewijk zouden moeten trouwen. Lodewijk trok samen met Suger, Theobald IV van Blois en Roeland I van Vermandois, met een gevolg van 500 ridders, naar Bordeaux.
    Op 25 juli trouwden Lodewijk en Eleonora daar in de kathedraal. Bij het huwelijk werd echter overeengekomen dat Lodewijk geen macht over Aquitanië zou krijgen maar dat alleen Eleonora hertogin van Aquitanië zou zijn.
    Pas een eventuele zoon zou de functies van hertog van Aquitanië en koning van Frankrijk werkelijk verenigen.

    Kort na het huwelijk overleed Lodewijk VI en volgde Lodewijk hem op.

    Het huwelijk van Eleonora en Lodewijk was stukgelopen, en ze hadden nog geen mannelijke erfgenaam geproduceerd. De oude abt Suger verzette zich echter uit alle macht tegen een scheiding.
    Toen die in 1152 overleed, werd de scheiding al snel uitgesproken (11 maart 1152) op grond van te nauwe bloedverwantschap (in die tijd het gangbare excuus voor een scheiding).

    Overleden:
    Lodewijk werd in 1179 getroffen door een beroerte. Hij wees Filips van de Elzas, de Vlaamse graaf aan tot eerste raadgever en begeleider van de op dat ogenblik veertienjarige kroonprins Filips.
    Daarna was hij niet meer in staat om te regeren. Zijn zoon werd in Reims gekroond maar Lodewijk was verlamd en al zo zwak dat hij de ceremonie niet kon bijwonen.
    Een jaar later overleed hij. Lodewijk werd begraven in de abdij Notre-Dame-de-Barbeaux bij Fontainebleau. In 1817 werd hij herbegraven in de Kathedraal van Saint-Denis.

    Lodewijk is getrouwd met Koningin-Gemalin van Frankrijk Eleonora van Aquitanië op 25 jul 1137 (religious) in Bordeaux, kathedraal Saint-André-de-Bordeaux, en is gescheiden van op 21 mrt 1152 in Beaugency. Eleonora (dochter van Graaf van Poitiers Willem X van Aquitanië en Aénor van Châtellerault) is geboren vóór 1122; en is gestorven; is begraven op 1 apr 1204 in Abdijkerk, Fontevraud, Pays de la Loire, Maine et Loire, Frankrijk. [Gezinsblad] [Familiekaart]

    Kinderen:
    1. 3. Gravin van Champagne Maria van Frankrijk  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is geboren vóór 1145; is gestorven op 11 mrt 1198 in Fontaines-les-Nones; is begraven in Cathedrale Saint Etienne, Meaux, Meaux, Ile de France, Frankrijk.
    2. 4. Adelheid van Frankrijk  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is geboren in 1150; is gestorven in 1198.

    Lodewijk is getrouwd met Constance van Castilië in 1154 (religious). Constance is geboren in 00 1140; is gestorven op 4 okt 1160 in Basiliek St Denis, Saint Denis, Parijs, Ile de France, Frankrijk. [Gezinsblad] [Familiekaart]

    Kinderen:
    1. 5. Margaretha van Frankrijk  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is geboren in 00 1158; is gestorven op 20 sep 1197 in Akko.


Generatie: 3

  1. 3.  Gravin van Champagne Maria van Frankrijk Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven (2.Lodewijk2, 1.Lodewijk1) is geboren vóór 1145; is gestorven op 11 mrt 1198 in Fontaines-les-Nones; is begraven in Cathedrale Saint Etienne, Meaux, Meaux, Ile de France, Frankrijk.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • Referentienummer: Huis Capetingen
    • Recordnummer: 4288
    • Titel: Regentes van Frankrijk

    Aantekeningen:

    Zij was de oudste dochter van Lodewijk VII van Frankrijk en van diens eerste echtgenote Eleonora van Aquitanië. Maria trouwde in 1164 met Hendrik I van Champagne.
    Zijn rijkdom stelde haar in staat om in navolging van haar moeder een schitterende hofhouding te voeren en tal van schrijvers en wetenschappers te begunstigen, onder andere:

    Chrétien de Troyes, die zijn werk 'Lancelot of De ridder met de kar' aan haar opdroeg
    Gace Brulé, ridder-troubadour
    Wouter van Arras, schrijver
    Guiot de Provins, schrijver
    Hugo III van Oisy, ridder-dichter
    Godfried van Villehardouin
    Andreas Capellanus
    Walter Map
    Cono van Béthune

    Maria was regentes tijdens de reis van Hendrik naar Jeruzalem (1179/1180) en regentes na zijn overlijden. Ze verloofde zich in 1183 met Filips van de Elzas, graaf van Vlaanderen, maar die verloving werd korte tijd later verbroken. In 1187 nam haar zoon Hendrik het bestuur over maar in 1190 trok hij naar het Heilige Land en werd Maria opnieuw regentes, tot haar zoon Theobald III van Champagne in 1197 meerderjarig werd. Daarna trok Maria zich terug in een het klooster van Fontaines-les-Nones waar ze een jaar later overleed. Ze werd begraven in de kathedraal van Meaux.

    Maria is getrouwd met Graaf van Champagne - Troyes - Brie Hendrik I van Champagne in 1164 (civil). Hendrik is geboren in 1126; is begraven op 16 mrt 1181 in Stefanuskerk, Troyes, Champagne-Ardenne, Aube, Frankrijk. [Gezinsblad] [Familiekaart]

    Kinderen:
    1. 6. Maria van Champagne  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is geboren in 1174; is gestorven op 9 aug 1204 in Akko.

  2. 4.  Adelheid van Frankrijk Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven (2.Lodewijk2, 1.Lodewijk1) is geboren in 1150; is gestorven in 1198.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • Recordnummer: 14440


  3. 5.  Margaretha van Frankrijk Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven (2.Lodewijk2, 1.Lodewijk1) is geboren in 00 1158; is gestorven op 20 sep 1197 in Akko.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • Referentienummer: Huis Capet
    • Recordnummer: 14444

    Gezin/Partner: Hendrik de Jongere. Hendrik (zoon van Koning Hendrik II van Engeland Hendrik Plantagenet en Koningin-Gemalin van Frankrijk Eleonora van Aquitanië) is gedoopt op 28 feb 1155; is gestorven op 11 jun 1183 in Martel; is begraven in Rouen, kathedraal. [Gezinsblad] [Familiekaart]



Generatie: 4

  1. 6.  Maria van Champagne Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven (3.Maria3, 2.Lodewijk2, 1.Lodewijk1) is geboren in 1174; is gestorven op 9 aug 1204 in Akko.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • Referentienummer: Huis Champagne
    • Recordnummer: 4107
    • Vermelding: van 23 feb 1200; Kruisvaardersgelofte afgelegd

    Aantekeningen:

    Op 23 februari 1200 legde zij samen met haar man in Brugge de kruisvaardersgelofte af. Boudewijn nam deel aan de Vierde Kruistocht maar Maria was zwanger en bleef achter als regentes. Maria reisde in 1204 haar echtgenoot achterna en hoorde aangekomen in Akko dat haar man tot keizer van Constantinopel was gekozen. Ze werd echter ziek en overleed in Akko. Het nieuws van haar dood zou Boudewijn veel verdriet hebben gedaan.

    Maria is getrouwd met Graaf van Vlaanderen Boudewijn IX van Vlaanderen op 13 jan 1186 (civil) in Château-Thierry. Boudewijn is geboren in jul 1171 in Valenciennes; is gestorven vóór 1205 in Bulgarije. [Gezinsblad] [Familiekaart]

    Kinderen:
    1. 7. Gravin van Henegouwen Margaretha II van Vlaanderen  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is geboren op 2 jun 1202; is gestorven op 10 feb 1280 in Gent; is begraven in Abdijkerk, Flines lez Raches, Orchies, Hautes de France, Frankrijk.


Generatie: 5

  1. 7.  Gravin van Henegouwen Margaretha II van Vlaanderen Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven (6.Maria4, 3.Maria3, 2.Lodewijk2, 1.Lodewijk1) is geboren op 2 jun 1202; is gestorven op 10 feb 1280 in Gent; is begraven in Abdijkerk, Flines lez Raches, Orchies, Hautes de France, Frankrijk.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • Referentienummer: Huis Vlaanderen
    • Recordnummer: 4293
    • Titel: Gravin van Vlaanderen en Zeeland

    Aantekeningen:

    Ook: Margaretha van Constantinopel.

    Zij was de tweede dochter van graaf Boudewijn IX van het graafschap Vlaanderen en Henegouwen (VI), en Maria van Champagne. Haar vader werd in mei 1204 ook keizer van Constantinopel.

    Na het overlijden van haar moeder (1204) en het verdwijnen van haar vader (april 1205) liet de Franse koning Filips Augustus haar met haar zuster Johanna in 1208 op 6-jarige leeftijd naar het hof in Parijs overbrengen om haar te onttrekken aan anti-Franse invloeden in Vlaanderen. Gedurende haar tijd in Parijs maakte ze samen met haar zuster kennis met de Cisterciënzerorde, mogelijk mede door de invloed van Blanca van Castilië, de echtgenote van de Franse kroonprins.

    Bij haar terugkeer in 1212 werd Margaretha toevertrouwd aan de Henegouwse ridder Burchard van Avesnes, met wie zij in hetzelfde jaar op tienjarige leeftijd trouwde. Na een klacht van gravin Johanna veroordeelde paus Innocentius III het huwelijk (Vierde Lateraans Concilie, 1215), en dit op grond van het feit dat Burchard subdiaken was gewijd en dus tot de geestelijke stand behoorde. Maar de echtelieden scheidden voorlopig nog niet. Margaretha en Burchard kregen de volgende kinderen:


    Boudewijn (ovl. 1219)
    Jan van Avesnes (1218-1257)
    Boudewijn (1219-1295), gehuwd met Felicitas van Coucy, dochter van Thomas van Coucy-Vervins.

    Pas in 1222 verliet Margareta haar echtgenoot en trouwde in het najaar van 1223 met Willem van Dampierre, een ridder uit de Champagnestreek en een zoon van Gwijde II van Dampierre en Mathilde I van Bourbon, bij wie zij volgende kinderen had:

    Willem III van Dampierre (1221-1251)
    Gwijde III van Dampierre (1226-1305)
    Jan I van Dampierre (1230-1258)
    Johanna (ovl. ca. 1245), gehuwd met Hugo III van Rethel (twee dochters) en daarna met Theobald II van Bar (geen kinderen), begraven in de de abdij van Val-d'Ornain.
    Maria (ovl. 21 december 1302), abdis van de abdij van Flines

    Vlaams-Henegouwse Successieoorlog

    Toen Margareta haar kinderloze zuster Johanna in 1244 opvolgde als gravin van Vlaanderen en Henegouwen, benoemde zij haar zoon Willem tot enige erfgenaam (1246). Daarop begon een strijd tussen de kinderen uit Margaretha's beide huwelijken, de Avesnes en de Dampierres: de Vlaams-Henegouwse Successieoorlog. De Franse koning, in 1246 met de arbitrage belast, wees Vlaanderen toe aan haar zoon Gwijde van Dampierre en Henegouwen aan haar zoon Jan van Avesnes, feitelijk later haar kleinzoon Jan I van Avesnes. Niettemin bleef de vete tussen de beide huizen voortwoeden, zelfs tot in de volgende eeuw. Margaretha zelf stond heel de tijd aan de zijde van de "Vlaamse" Dampierres. De "Henegouwse" Avesnes verbonden zich door het huwelijk van Jan vanAvesnes met Aleid van Holland met de Hollandse graven, die ongedaan wilden maken dat zij voor Zeeland leenhulde verschuldigd waren aan Vlaanderen. Zij betwistten ook het bezit door de Dampierres van Rijks-Vlaanderen.

    De Franse koning maakte van deze scheidsrechterlijke uitspraak gebruik om zijn positie te versterken:

    hij brak de macht van Vlaanderen-Henegouwen
    hij bezorgde Vlaanderen een vijand in de flank, aangezien de Avesnes zich niet bij de uitspraak neerlegden, dit op grond van het feit dat koning Lodewijk IX van Frankrijk (de Heilige) beslist had over gebieden waarover hij geen leenheer was (Rijks-Vlaanderen in tegenstelling tot Kroon-Vlaanderen).

    Het conflict laaide weer op toen Willem II van Holland koning van Duitsland werd. De graaf van Holland (Willem) hield Zeeland bewesten Schelde in leen van Vlaanderen (Margaretha), terwijl de graaf van Vlaanderen Zeeland bewesten Schelde weer in leen had van de Duitse koning (Willem dus). Willem weigerde daarom leenhulde aan Margaretha te bewijzen. In 1252 verklaarde Willem dat Margaretha al haar lenen had verloren en gaf ze aan Jan. Margaretha verzamelde een groot leger, waar ook huurlingen uit heel Noord-Frankrijk deel van uitmaakten. Terwijl Willem en Margaretha in Antwerpen onderhandelden, viel haar leger op 4 juli 1253 Walcheren aan. De plannen waren echter uitgelekt en de Hollanders vielen het Vlaamse leger al aan terwijl het zich op het strand ontscheepte, en brachten het een zware nederlaag toe (Slag bij Westkapelle).

    In een laatste poging om de Avesnes te verslaan, gaf Margaretha het graafschap Henegouwen aan de Franse prins Karel van Anjou. Die werd in 1254 echter verslagen bij Valenciennes.

    De oorlogen hadden Vlaanderen veel geld gekost. Margaretha was genoodzaakt veel macht aan de steden te geven, in ruil voor geld. Ze was wel in staat om Béthune (1263), Dendermonde (1263) en Namen (stad) (1264) te verwerven. Maar in 1275 moest ze een ongunstige vrede met Engeland sluiten in een oorlog over de handel in wol.

    Margaretha stond positief tegenover de Tempeliers. In 1273 bevestigde ze, op aanraden van Guillaume de Beaujeu (die ze haar neef noemde), de grootmeester, de orde in al haar rechten en bezittingen in Vlaanderen.[2]

    Op 29 december 1278 deed Margaretha in Vlaanderen troonsafstand ten gunste van haar zoon Gwijde van Dampierre. In Henegouwen bleef zij zelf aan de macht tot aan haar dood: ze werd aldaar opgevolgd door haar kleinzoon Jan II van Avesnes. Door het huwelijk van haar zoon Jan van Avesnes met Aleid van Holland werden Henegouwen, Holland en Zeeland in 1299 (in personele unie) verenigd.

    Margaretha II van Vlaanderen overleed te Gent in 1280. Geheel volgens haar laatste wilsbeschikkingen werd haar lichaam bijgezet in de door haar gestichte Abdij van Flines.

    Margaretha is getrouwd met Baljuw van Henegouwen Burchard van Avesnes in 1212 (civil), en is gescheiden van in 1222. Burchard (zoon van Heer van Avesnes Jacob van Avesnes en Adela van Guise) is geboren in 1182; is gestorven in 1244 in Rupelmonde. [Gezinsblad] [Familiekaart]

    Kinderen:
    1. 8. Graaf van Henegouwen Jan I van Avesnes  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is gedoopt op 1 mei 1218 in Houffalize; en is gestorven; is begraven op 24 dec 1257 in Abdij van Hasnon, Hasnon, Hauts de France, Valenciennes, Frankrijk.

    Margaretha is getrouwd met Heer van Dampierre Willem II van Dampierre in 1223 (religious). Willem (zoon van Heer van Dampierre Gwijde II van Dampierre en Mathilde van Bourbon) is geboren in 1196; is gestorven op 3 sep 1231. [Gezinsblad] [Familiekaart]

    Kinderen:
    1. 9. Heer van Dampierre Gwijde III van Dampierre  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is geboren vóór 1226; is gestorven op 7 mrt 1305 in Compiègne; is begraven in Abdijkerk, Flines lez Raches, Orchies, Hautes de France, Frankrijk.
    2. 10. Johanna van Dampierre  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is gestorven in 1246.
    3. 11. Heer van Dampierre Willem III van Dampierre  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is geboren in 1225; is gestorven op 6 jun 1251 in Trazegnies.
    4. 12. Jan I van Dampierre  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is geboren in 1230; is gestorven in 1258.




Snelle Links

Contact

Contact
Achternamen
Historie

Bericht Webmaster

Ik doe er alles aan om het onderzoek te documenteren. Als u iets heeft dat u zou willen toevoegen, neem dan contact met mij op.