Robert II van Haspengauw

Mannelijk 765 - 807  (42 jaar)


Generaties:      Standaard    |    Compact    |    Verticaal    |    Alleen tekst    |    Register    |    Tabellen    |    PDF

Generatie: 1

  1. 1.  Robert II van Haspengauw is geboren in 765; is gestorven op 12 jul 807.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • Recordnummer: 14628

    Aantekeningen:

    Robert II van Haspengouw (ca. 765 - 12 juli 807) was een zoon van graaf Thuringbert en kleinzoon van Robert I van de Haspengouw en Williswinda.

    Hij was graaf van Wormsgouw, Rijngouw en de Haspengouw, en heer van Dienheim, als opvolger van zijn neef Heimrich. Robert was een belangrijke hoveling van Karel de Grote en wordt veel in aktes genoemd. Hij overleed na terugkeer van een missie naar het Midden-Oosten.

    Zijn eerste huwelijk was met Theoderata (ca. 770 - 789), waaruit zoon Robert van Worms geboren werd, de oudst bekende voorvader van de Robertijnen. Later volgde een tweede huwelijk met Isengarde.

    Gezin/Partner: Theoderata. Theoderata is geboren in 770; is gestorven in 789. [Gezinsblad] [Familiekaart]

    Kinderen:
    1. 2. Robert III van Worms  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is geboren vóór 790; is gestorven vóór 834.


Generatie: 2

  1. 2.  Robert III van Worms Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven (1.Robert1) is geboren vóór 790; is gestorven vóór 834.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • Referentienummer: Huis Robertijnen
    • Recordnummer: 14626

    Aantekeningen:

    Robert III van Worms (voor 790 - voor 834), ook Rutpert, was een zoon van Robert van Haspengouw, uit het bekende geslacht der Robertijnen. Robert was in 807 graaf van de Wormsgouw en de Oberrheingau, keizerlijk gezant in Mainz en een vooraanstaand hoveling van Lodewijk de Vrome.

    Hij was gehuwd met Waldrada van Orléans, erfdochter van graaf Hadrianus van Orléans (en daardoor kleindochter van Gerold van Vintzgouw) en Waldrada van Hornbach. Zij erfde in 822 omvangrijke goederen in de omgeving van Orléans. 19 december 834 deed Waldrada samen met haar zoon Guntram een schenking voor het zielenheil van Robert aan de Abdij van Lorsch.

    Gezin/Partner: Waldrada van Orléans. Waldrada en is gestorven. [Gezinsblad] [Familiekaart]

    Kinderen:
    1. 3. Robert (Rutpert) de Sterke  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is geboren in 820; is gestorven op 2 jul 866 in Brissarthe.


Generatie: 3

  1. 3.  Robert (Rutpert) de Sterke Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven (2.Robert2, 1.Robert1) is geboren in 820; is gestorven op 2 jul 866 in Brissarthe.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • Referentienummer: Huis Robertijnen
    • Recordnummer: 14624

    Aantekeningen:

    Robert de Sterke, ook Rutpert (ca. 820 - Brissarthe, 2 juli 866), was hertog in Neustrië. Zijn familie staat bekend als de Robertingen of Robertijnen en is naar hem genoemd. Zijn bijnaam "de Sterke" werd hem gegeven vanwege zijn militaire successen, vooral tegen de Vikingen.
    Leven en Loopbaan

    Robert was een zoon van Robert van Worms en Waldrada van Orléans.

    Robert was graaf van de Wormsgouw als opvolger van zijn broer Guntram. In 840 trok hij naar de omgeving van Orléans om de familiegoederen van zijn overleden moeder te gaan beheren. Als buitenstaander zou hij zich ontwikkelen tot een belangrijke medestander van Karel de Kale tegen de lokale aristocratie. Hij werd benoemd tot markgraaf van Neustrië, ter verdediging tegen Bretagne en de Vikingen.

    In 852 werd Robert ook lekenabt van Marmoutier en een jaar later was hij als zendgraaf in Maine, Anjou en Touraine. In 855 werd hij benoemd tot hertog van het gebied tussen de Seine en de Loire. Toen Karel een jaar later zijn zoon Lodewijk de Stamelaar tot onderkoning in Neustrië benoemde, betekende dat een gevoelig verlies voor Robert. Karel compenseerde hem met de graafschappen Autun en Nevers. In 857 verdedigde Robert Autun tegen Lodewijk de Duitser, die probeerde te profiteren van het overlijden van Lotharius I.

    Robert gaf in 858 leiding aan een coalitie van edelen uit Bretagne en Neustrië die Lodewijk de Duitser vroeg om koning van West-Francië te worden. Deze poging mislukte echter. Robert wist zich op tijd weer te verzoenen met Karel en werd in 861 beloond met het graafschap Anjou. Toen Lodewijk de Stamelaar in 862 in opstand kwam tegen zijn vader, bleef Robert trouw aan Karel. Hij vocht tegen Lodewijk en tegen zijn bondgenoten: hertog Salomon van Bretagne en Pepijn II van Aquitanië. Zowel Robert als Salomon huurden Vikingen in om hun legers te versterken. Deze gevechten bleven de volgende jaren voortduren. Ook moest Robert in 863 wederom Autun verdedigen tegen Lodewijk de Duitser, die nu probeerde te profiteren van de dood van Karel van Provence.

    Overleden:
    In 866 kwam Robert in actie tegen een inval van de Vikingen. De Vikingen verschansten zich in een kerk in Brissarthe. Omdat Robert dacht dat er een pauze in de gevechten was, trok hij zijn zware wapenrusting uit. Toen de Vikingen een snelle uitval deden was hij onbeschermd en kon makkelijk worden gedood.

    Gezin/Partner: Adelheid van Tours. Adelheid is gestorven na 866. [Gezinsblad] [Familiekaart]

    Kinderen:
    1. 4. Graaf van Tours Robert I van Frankrijk  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is gedoopt op 15 aug 866; is gestorven op 15 jun 923 in Soissons; is begraven in Basiliek St Denis, Saint Denis, Parijs, Ile de France, Frankrijk.


Generatie: 4

  1. 4.  Graaf van Tours Robert I van Frankrijk Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven (3.Robert3, 2.Robert2, 1.Robert1) is gedoopt op 15 aug 866; is gestorven op 15 jun 923 in Soissons; is begraven in Basiliek St Denis, Saint Denis, Parijs, Ile de France, Frankrijk.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • Referentienummer: Huis Robertijnen
    • Recordnummer: 14619
    • Titel: Koning van West-Francië

    Aantekeningen:

    Robert was de jongste zoon van hertog Robert de Sterke en een broer van Odo I van Frankrijk, die zijn vader opvolgde als hertog. In 885 vocht Robert met zijn broer Odo tijdens de verdediging van Parijs tegen de Vikingen. Toen Odo in 888 tot koning van West-Francië werd gekozen, droeg hij al zijn andere titels over aan Robert. Robert werd daardoor hertog van Francië, markgraaf van Neustrië, graaf van onder andere Parijs, Tours en Orléans, en lekenabt van onder andere Saint-Denis, Marmoutier en Saint-Martin in Tours, Saint-Germain-des-Pres in Parijs, Notre-Dame de Morienval en Saint-Amand. In 893 benoemde Odo hem ook tot graaf van Poitiers maar hij werd door de lokale adel verdreven. Na de dood van Odo in 898 had Robert een kans om zelf koning te worden maar zag ervan af en steunde het koningschap van Karel de Eenvoudige. In ruil bevestigde Karel Robert in al zijn functies en bezittingen.

    De vrede tussen Karel en Robert bleef duren tot in 921. In die periode versloeg Robert in 911 de Vikingen onder Rollo bij Chartres. Karel begon onderhandelingen met Rollo en toen Rollo zich daarop liet dopen, was Robert zijn peetoom en liet Rollo zich als Robert dopen. In 914 verzekerde Robert de opvolging door zijn zoon Hugo.

    Karel was inmiddels ook koning van Lotharingen geworden. De Lotharingse graaf Hagano kreeg een sterke positie aan het hof van Karel en werd boven alle andere edelen begunstigd. Dit leidde tot steeds grotere weerstand onder de andere edelen en de bisschoppen. Toen Karel de Abdij van Chelles, waar de moeder van Hugo's eerste vrouw abdis was, confisqueerde om aan Hagano te schenken, kon Robert dat niet tolereren. Met de hulp van de belangrijkste edelen voerde Robert een staatsgreep uit: Robert werd op 22 juni te Reims tot koning gekozen en op 30 juni 922 daar tot koning gekroond. Na enkele korte gevechten rondom Reims en Laon, wist Robert de koninklijke schat in Laon in handen te krijgen en moest Karel vluchten. Hendrik de Vogelaar erkende Robert als koning van West-Francië en Lotharingen. Karel verzamelde echter een leger in Lotharingen en trok op tegen Robert. In 923 wist Robert tijdens de Slag bij Soissons Karel te verslaan. Robert kwam hier zelf echter bij om het leven - volgens de overlevering werd

    Gezin/Partner: Adelheid NN. Adelheid en is gestorven. [Gezinsblad] [Familiekaart]

    Kinderen:
    1. 5. Adelheid van Bourgondië  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven en is gestorven.

    Robert is getrouwd met Beatrix van Vermandois in 895 (religious). Beatrix en is gestorven. [Gezinsblad] [Familiekaart]

    Kinderen:
    1. 6. Emma van Frankrijk  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is geboren in 894; is gestorven in 934.
    2. 7. Graaf van Auxerre Hugo de Grote  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is geboren in 897 in Fontaines en Sologne; is gestorven op 16 jun 956 in Dourdan; is begraven in Basiliek St Denis, Saint Denis, Parijs, Ile de France, Frankrijk.


Generatie: 5

  1. 5.  Adelheid van Bourgondië Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven (4.Robert4, 3.Robert3, 2.Robert2, 1.Robert1) en is gestorven.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • Recordnummer: 14601

    Gezin/Partner: Herbert II van Vermandois. Herbert en is gestorven. [Gezinsblad] [Familiekaart]

    Kinderen:
    1. 8. Liutgard van Vermandois  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is geboren in 914; is gestorven op 9 feb 978.

  2. 6.  Emma van Frankrijk Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven (4.Robert4, 3.Robert3, 2.Robert2, 1.Robert1) is geboren in 894; is gestorven in 934.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • Referentienummer: Huis Robertijnen
    • Recordnummer: 14623


  3. 7.  Graaf van Auxerre Hugo de Grote Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven (4.Robert4, 3.Robert3, 2.Robert2, 1.Robert1) is geboren in 897 in Fontaines en Sologne; is gestorven op 16 jun 956 in Dourdan; is begraven in Basiliek St Denis, Saint Denis, Parijs, Ile de France, Frankrijk.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • Recordnummer: 14617
    • Titel: Hertog van Aquitanië

    Aantekeningen:

    Hugo de Grote (Fontaines-en-Sologne, 897 – Dourdan, 16 juni 956) was in zijn tijd de machtigste edelman in Frankrijk. Hij weigerde tot driemaal toe om koning te worden maar gaf er de voorkeur aan om zwakkere koningen op de troon te plaatsen en direct zijn eigen belangen te kunnen behartigen.

    Hugo was de zoon van Robert I van Frankrijk en Beatrix van Vermandois. Na het overlijden van zijn vader in de Slag bij Soissons in 923, werd hem de kroon aangeboden. Hij weigerde echter, en zijn zwager Rudolf I van Frankrijk werd toen tot koning gekozen. Hugo was toen markgraaf van Bretagne, graaf van Parijs, Troyes, Orléans, en lekenabt van Saint-Denis, Saint-Germain-des-Prés, Marmoutier, Saint-Martin te Tours, Carmery, Villeloin. In de volgende jaren werd hij hertog van Neustrië en verwierf hij ook nog de graafschappen Autun, Auxerre, Nevers, Sens, Chalon en Mâcon. Na het kinderloos overlijden van Rudolf in 936 weigerde Hugo opnieuw de kroon maar vroeg Lodewijk IV van Frankrijk, die als kind door zijn moeder in Engeland in veiligheid was gebracht, om koning te worden. Hugo bedong voor zichzelf natuurlijk een positie van uitzonderlijke macht en invloed, onder de nieuwe koning. In 938 werd hij benoemd tot mede-hertog van Bourgondië.

    Daarna kwam Hugo in conflict met Lodewijk, die probeerde een zelfstandige positie als koning te verwerven. Hugo sloot in 940 met Herbert II van Vermandois en met Willem I van Normandië een bondgenootschap tegen Lodewijk IV. Ze belegerden Reims en versloegen de koning toen die probeerde de stad te ontzetten. In plaats van Lodewijk erkenden ze Otto I de Grote als koning. Uiteindelijk werd er in 942 te Wezet een vrede bemiddeld door Otto en zijn zuster Gerberga van Saksen, die met Lodewijk was getrouwd. Toen de Normandiërs Lodewijk in 945 gevangennamen, droegen ze hem over aan Hugo. En die liet Lodewijk pas in 946 vrij toen die de stad Laon aan hem had afgestaan. In dat jaar gebruikte Hugo de dood van Herbert II van Vermandois om diens erfenis te versnipperen over diens kinderen, zodat geen van hen nog zo machtig zou kunnen worden als hun vader. De Universele Synode van Ingelheim dreigde Hugo in 948 met excommunicatie als hij Lodewijk niet zou compenseren. De excommunicatie is ook een korte tijd daadwe

    Hugo is getrouwd met Hedwig van Saksen op 14 sep 937 (religious). Hedwig en is gestorven. [Gezinsblad] [Familiekaart]

    Kinderen:
    1. 9. Koning van Frankrijk Hugo Capet  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is geboren in 00 941 in Dourdan; is gestorven op 24 okt 996 in Les Juifs, bij Chartres; is begraven in Basiliek St Denis, Saint Denis, Parijs, Ile de France, Frankrijk.


Generatie: 6

  1. 8.  Liutgard van Vermandois Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven (5.Adelheid5, 4.Robert4, 3.Robert3, 2.Robert2, 1.Robert1) is geboren in 914; is gestorven op 9 feb 978.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • Recordnummer: 14598

    Aantekeningen:

    Liutgard van Vermandois (ca. 914 – 9 februari 978) was een dochter van Herbert II van Vermandois en Adelheid van Bourgondië. Via haar vader was zij een zesde generatie afstammeling van Karel de Grote. Ze huwde eerst met Willem I van Normandië en na zijn dood in 942 een jaar later in 943 met Theobald I van Blois.

    Gezin/Partner: Theobald I van Blois. Theobald (zoon van Theobald) is geboren vóór 905; is gestorven op 16 jan 975. [Gezinsblad] [Familiekaart]

    Kinderen:
    1. 10. Odo I van Blois  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is geboren in 950; is gestorven op 12 mrt 996; is begraven in St. Maarten, Tours, Indre-et-Loire, Touraine, Frankrijk.

  2. 9.  Koning van Frankrijk Hugo Capet Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven (7.Hugo5, 4.Robert4, 3.Robert3, 2.Robert2, 1.Robert1) is geboren in 00 941 in Dourdan; is gestorven op 24 okt 996 in Les Juifs, bij Chartres; is begraven in Basiliek St Denis, Saint Denis, Parijs, Ile de France, Frankrijk.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • Referentienummer: Huis Capetingen
    • Recordnummer: 14615

    Aantekeningen:

    Hugo Capet (Frans: Hugues Capet) (Dourdan, 941 – Les Juifs bij Chartres, 24 oktober 996) was koning van Frankrijk van 987 tot 996. Zijn bijnaam Capet betekent "mantel dragend" (cappa) en werd hem waarschijnlijk gegeven ter onderscheid van zijn vader Hugo de Grote of omdat zijn familie als lekenabt van de Abdij van Saint-Denis een mantel of cappa droeg.[2]
    Biografie

    Hugo Capet werd als het tweede kind en oudste zoon van Hugo de Grote en Hedwig van Saksen geboren.[3] Zijn grootvader Robert van Bourgondië was tussen 922 en 923 koning van West-Francië geweest. Via zijn grootmoeder Beatrix van Vermandois was hij tevens een nazaat van koning Karel de Grote. Zijn vader Hugo de Grote was in zijn tijd de machtigste man van Frankrijk, zelfs machtiger dan de koning. Bij de dood van zijn vader erfde Hugo Capet de meeste van zijn bezittingen en titels: Hugo werd hertog van de Franken (Neustrië), graaf van Parijs, Orléans, Poitou, Tours, et cetera, en lekenabt van onder meer Saint-Martin te Tours, Saint-Germain te Auxerre, Saint-Aignan te Orléans, Saint-Quentin en Sint-Vaast. Zijn broer Otto werd bovendien hertog van Bourgondië. De paus noemde hem de “glorierijke prins van de Franken”. Omdat Hugo nog minderjarig was, trad eerst Richard I van Normandië, die was getrouwd met Hugo's zus Emma, als zijn voogd op en later zijn moeder Hedwig van Saksen en zijn oom Bruno,

    De machtige Franse edelen maakten gebruik van Hugo's minderjarigheid om hun positie ten koste van hem te versterken, bijvoorbeeld: Willem III van Aquitanië die Poitou tegen Hugo wist te behouden, Theobald I van Blois die Chartres en Châteaudun verwierf, en Fulco II van Anjou die de omgeving van Nantes in handen kreeg.
    Hertog

    Als hertog voerde Hugo een voorzichtig beleid waarbij hij twee doelen nastreefde: enerzijds het behoud van zijn eigen dominante positie binnen Frankrijk, waarbij hij gebruikmaakte van de steun van de aan hem verwante Duitse keizers, anderzijds het behoud van de onafhankelijkheid van Frankrijk ten opzichte van Duitsland. Hierbij was Hugo een bondgenoot van aartsbisschop Adalbero van Reims, die bang was dat Frankrijk een vazalstaat van Duitsland zou worden.

    Rond 968 verbeterde Hugo zijn betrekkingen met Willem IV van Aquitanië door met diens zuster te trouwen. In 978 beschermde Hugo koning Lotharius van Frankrijk in Étampes en verdedigde Parijs tegen Otto II, nadat Lotharius een riskante plundertocht naar Aken had ondernomen. In 981 veroverde Hugo Montrieul, ook bezocht hij in dat jaar Otto II in Rome. In 986 klaagde Lotharius Adalbero aan wegens hoogverraad. Hugo bestormde de rechtszitting en de koning kwam daarbij om het leven. Dit bleef zonder gevolgen voor Hugo.[bron?]
    Koning

    Na de onverwachte dood van Lotharius' zoon Lodewijk V in 987, hij stierf kinderloos na een jachtongeval, werd Hugo op 3 juli 987 te Senlis tot koning gekozen. Adalbero steunde hem met de volgende argumentatie: Het koningschap krijgt men niet op grond van erfrecht; men moet slechts hem op de troon verheffen, die zich zowel door zijn lichamelijke welgeschapenheid als door zijn geestelijke wijsheid onderscheidt, die door het geloof gesterkt en door grootmoedigheid gesteund wordt.[4] Hugo werd in Noyon of Reims gekroond en liet nog op 30 december 987 zijn zoon Robert II tot medekoning kronen, een poging om zijn opvolging te verzekeren.

    Hoewel het eigenlijke grondbezit van Hugo veel kleiner was dan dat van zijn vader of van zijn belangrijke vazallen, had hij wel controle over Parijs, Orléans en een handvol kleinere steden, en over een aantal belangrijke abdijen en bisschopsbenoemingen in het noorden van Frankrijk. Zijn macht en rijkdom waren zo veel groter dan zijn grondbezit. Hij gebruikte de kerkelijke hervormingen, vooral de godsvredebeweging, om zijn gezag te vestigen en was goed bevriend met de abt van Cluny.

    In 988 probeerde Karel van Neder-Lotharingen, een Karolinger en neef van Hugo, de troon te verwerven ten koste van Hugo. Karel veroverde Laon en liet zich tot koning kronen. Hugo belegerde de stad twee keer zonder resultaat. Hugo verbond zich met Odo I van Blois, in ruil voor het graafschap Dreux. In 991 kon Hugo Karel gevangennemen door verraad van de bisschop Adalbero van Laon (een neef van Karel maar benoemd door Hugo). Dit gaf overigens nog aanleiding tot heftige conflicten over diens positie, vooral binnen de kerk waarbij de bondgenoten van Hugo natuurlijk bisschop Adalbero steunen. Karel werd met zijn gezin gevangengezet in Orléans en zou daar overlijden.

    Hugo verbond zich vervolgens met de graven van Normandië en Anjou, tegen Odo van Blois die Melun had geannexeerd. Melun werd heroverd maar Odo veroverde Nantes, dat weer werd heroverd. Toen Anjou weer te veel macht kreeg, viel dit bondgenootschap weer uiteen. De graaf van Barcelona (formeel deel van Frankrijk maar feitelijk al bijna 100 jaar onafhankelijk) deed een beroep op Hugo om steun tegen de Moren. Hugo wilde die verlenen in ruil voor erkenning als leenheer, maar uiteindelijk gebeurde er niets. In 993 werd een complot van Odo van Blois en de bisschop van Laon ontdekt, om Hugo te ontvoeren en over te dragen aan keizer Otto III. Dit bleef zonder gevolgen voor de betrokkenen. Na de dood van Odo in 996 weigerde Hugo een huwelijk van zijn zoon Robert met Odo's weduwe Bertha van Bourgondië. Hoewel Robert en Bertha oprecht van elkaar hielden (een bijzonderheid voor een koninklijk huwelijk in die tijd) en ondanks de grote voordelen (o.a. Bourgondië), gaf Hugo geen toestemming wegens bloedverwantschap

    Overleden:
    Hugo overleed aan de pokken en werd in Saint Denis begraven, voor het altaar van de heilige drie-eenheid naast zijn voorvader Odo I van Frankrijk

    Gezin/Partner: Adelheid van Poitiers. Adelheid is geboren in 945; is gestorven in 1004. [Gezinsblad] [Familiekaart]

    Kinderen:
    1. 11. Koning van Frankrijk Robert II van Frankrijk  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is gedoopt op 27 mrt 972 in Orléans; is gestorven op 20 jul 1031 in Melun; is begraven in Basiliek St Denis, Saint Denis, Parijs, Ile de France, Frankrijk.


Generatie: 7

  1. 10.  Odo I van Blois Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven (8.Liutgard6, 5.Adelheid5, 4.Robert4, 3.Robert3, 2.Robert2, 1.Robert1) is geboren in 950; is gestorven op 12 mrt 996; is begraven in St. Maarten, Tours, Indre-et-Loire, Touraine, Frankrijk.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • Recordnummer: 14595

    Aantekeningen:

    Odo I van Blois (ca. 950 - 12 maart 996) was de jongste zoon van Theobald I van Blois en Liutgard van Vermandois. Hij was een van de machtigste edelen in Frankrijk en slaagde erin de macht van zijn familie verder uit te breiden.

    Als jonge man verdedigde hij Crouchy tegen de bisschop van Reims. Omdat zijn oudste broer was gesneuveld en zijn tweede broer tot de geestelijkheid was toegetreden, erfde Odo rond 970 de graafschappen Blois, Chartres, Provins, Tours, Beauvais, Chinon, Saumur en Châteaudun van zijn vader. Ca. 984 erfde hij van Herbert III van Vermandois (zoon van Herbert II van Vermandois), zijn oom van moederszijde, de graafschappen Omois en Reims, en de functie van paltsgraaf en van lekenabt van de Sint-Medardusabdij te Soissons. Hiermee had de machtige positie van het huis van Blois in de komende generaties, met grote bezittingen rondom Parijs, vorm gekregen.

    In 981 steunde Odo Conan I van Bretagne in zijn pogingen om Nantes te verwerven. Samen met zijn neef Heribert van Troyes, steunde in 985 hij de veroveringspolitiek van Lotharius van Frankrijk in Lotharingen. Odo nam deel aan de verovering van Verdun en Laon, en nam hij graaf Godfried van Verdun gevangen. In 987 verwierf Odo het graafschap Dreux en de functie van lekenabt van de abdij van Tours, van de nieuwe koning Hugo Capet als dank voor de steun bij diens verkiezing. Al snel koos Odo echter positie tegen Hugo en gaf hij steun aan Karel van Neder-Lotharingen. Er volgden een aantal jaren van verwarring en strijd:

    991 Odo belegerde Melun maar de stad werd ontzet door Hugo Capet, Richard I van Normandië en Fulco III van Anjou. Odo werd verslagen bij Orsay door Burchard I van Vendôme
    992 Odo moest zich onder druk van Fulco aan de koning onderwerpen
    993 samenzwering met bisschop Adalbero van Laon, om de koning en zijn zoon te ontvoeren en aan de keizer uit te leveren. De samenzwering werd verijdeld en de koning liet Fulco tegen Blois optrekken. Die bouwde het kasteel van Langeais om Blois te bewaken.
    995 Odo sloot een bondgenootschap met Richard van Normandie, Willem IV van Aquitanië (zijn zwager) en Boudewijn IV van Vlaanderen tegen Fulco
    996 het beleg van Langeais moest worden opgeheven nadat Hugo Capet had ingegrepen

    Odo overleed in 996 en werd begraven in de abdij van Tours.

    Gezin/Partner: Bertha van Bourgondië. Bertha is geboren in 967; is gestorven na 16 sep 1010 in Melun. [Gezinsblad] [Familiekaart]

    Kinderen:
    1. 12. Odo II van Blois  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is geboren in 983; is gestorven op 15 nov 1037 in Commercy; is begraven in St. Maarten, Tours, Indre-et-Loire, Touraine, Frankrijk.

  2. 11.  Koning van Frankrijk Robert II van Frankrijk Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven (9.Hugo6, 7.Hugo5, 4.Robert4, 3.Robert3, 2.Robert2, 1.Robert1) is gedoopt op 27 mrt 972 in Orléans; is gestorven op 20 jul 1031 in Melun; is begraven in Basiliek St Denis, Saint Denis, Parijs, Ile de France, Frankrijk.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • Referentienummer: Huis Capetingen
    • Recordnummer: 14611
    • Titel: Graaf van Auxerre
    • Titel: Hertog van Bourgondië

    Aantekeningen:

    Robert was zoon van koning Hugo Capet. Hij kreeg een voor die tijd bijzonder goede opvoeding. Zijn leraar was Gerbert van Aurillac, de latere paus Silvester II. Daardoor had Robert een voorliefde voor muziek, dichtkunst en religie. Doordat hij tijdens zijn regering bovendien streng optrad tegen ketters, kreeg hij de bijnaam "de Vrome". In 987 werd Robert gekroond tot medekoning naast zijn vader, om zijn kansen voor de opvolging zo groot mogelijk te maken.[3] Robert wilde trouwen met Bertha van Bourgondië, maar omdat ze verwant waren in de zesde graad, was dit tegen de wetten van de kerk en Hugo weigerde daarom in dit huwelijk in te stemmen. In plaats daarvan probeerde Hugo om Robert met een Byzantijnse te laten trouwen en toen dat niet lukte arrangeerde hij in 989 een huwelijk met de ongeveer 20 jaar oudere Suzanna van Italië. Zij was weduwe van Arnulf II van Vlaanderen en moeder van de minderjarige Boudewijn IV van Vlaanderen. Door dit huwelijk kreeg de kroon een sterke invloed in een van

    Als kroonprins speelde Robert een actieve rol. Hij nam deel aan de gevechten tegen Karel van Neder-Lotharingen om Laon. In 991 verhinderde hij Franse bisschoppen om deel te nemen aan een synode in Mousson, dat toen in Duitsland lag. In 991 en 994 was hij voorzitter van concilies in Frankrijk. In 996 overleed zijn vader en werd Robert koning. Robert scheidde direct van Suzanna om te kunnen trouwen met Bertha, die inmiddels weduwe was van Odo I van Blois. Wel behield hij de bruidsschat van Suzanna, zo genaamd om die voor haar te beheren. Wegens de bloedverwantschap met Bertha en de onwettige scheiding van Suzanna, stond Robert onder grote druk van de kerk om zijn huwelijk met Bertha te ontbinden. Toen hij bleef weigeren, werd het echtpaar uiteindelijk geëxcommuniceerd door paus Gregorius V.

    Robert volhardde zijn verzet tegen de kerk en bleef getrouwd met Bertha tot 1003. Toen wilde hij het hertogdom Bourgondië rechtstreeks aan de kroon brengen en was de excommunicatie een te grote politieke handicap. Na onderhandelingen met paus Silvester II, zijn oude leermeester, scheidde hij van Bertha en trouwde met Constance van Arles. De excommunicatie werd ongedaan gemaakt. Zijn politieke en militaire pogingen om de macht in Frans Bourgondië direct in handen te krijgen, mislukten echter door de tegenstand van de lokale adel en bisschoppen. Robert zette naast zijn huwelijk zijn relatie met Bertha gewoon voort. Het hof werd daardoor verdeeld in twee vijandige kampen. Het huwelijk met Constance zorgde wel voor erfgenamen maar was verder een grote mislukking.

    In 1005 veroverde Robert Auxerre, in 1015 volgde Sens en in 1016 had Robert eindelijk het hertogdom Bourgondië in handen. In deze periode trok hij samen met Bertha naar Rome, om hun zaak bij de paus te bepleiten maar die wilde niet toestemmen in een hernieuwd huwelijk. In 1020 overleed Stefanus I van Champagne en probeerde Robert om diens graafschappen aan de kroon te laten hechten. Robert kwam daardoor in conflict met Stevens erfgenaam (en Bertha's zoon) Odo II van Blois. In 1023 moest Robert uiteindelijk toestaan dat Odo de graafschappen van Stefanus in bezit nam. Robert sloot daarop direct een bondgenootschap met keizer Hendrik II om Odo's macht te beteugelen. Dit had enig succes want Odo moest Reims opgeven aan de bisschop en hij moest Dreux overdragen aan Robert. Na de dood van Hendrik kwam Robert in 1024 tot een vergelijk met Odo en steunde hij de tegenstanders van Koenraad II de Saliër. Een poging om Metz te veroveren mislukte. Een aanbod om koning van Italië te worden sloeg hij af.

    Overleden:
    In de laatste jaren van zijn leven was Robert in open oorlog met zijn zonen Hendrik en Robert, die door hun moeder werden gesteund.
    Tijdens de burgeroorlog tegen zijn eigen zonen stierf Robert II op 20 juli 1031 bij Melun.
    Hij werd begraven in de kathedraal van Saint-Denis en uiteindelijk werd hij opgevolgd door zijn zoon Hendrik I

    Robert is getrouwd met Gravin Gemalin van Vlaanderen Suzanna van Italië in 988 (religious). Suzanna is geboren in 950; is begraven op 26 jan 1003 in St. Pietersabdij, Gent, Oost Vlaanderen, Vlaanderen, Belgie. [Gezinsblad] [Familiekaart]

    Robert is getrouwd met Bertha in 996 (religious). Bertha en is gestorven. [Gezinsblad] [Familiekaart]

    Robert is getrouwd met Constance d'Arles in 1003 (religious). Constance is geboren in 986; is gestorven op 25 jul 1034 in Melun; is begraven in Basiliek St Denis, Saint Denis, Parijs, Ile de France, Frankrijk. [Gezinsblad] [Familiekaart]

    Kinderen:
    1. 13. Hertog van Bourgondië Hendrik I van Frankrijk  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is gedoopt vóór 17 mei 1008 in Reims; is gestorven op 4 aug 1060 in Vitry en Brie; is begraven in Basiliek St Denis, Saint Denis, Parijs, Ile de France, Frankrijk.
    2. 14. Gravin van Vlaanderen Adela van Frankrijk  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is geboren in 1009; is gestorven op 8 jan 1079 in Mesen; is begraven in Mesen, Abdij.


Generatie: 8

  1. 12.  Odo II van Blois Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven (10.Odo7, 8.Liutgard6, 5.Adelheid5, 4.Robert4, 3.Robert3, 2.Robert2, 1.Robert1) is geboren in 983; is gestorven op 15 nov 1037 in Commercy; is begraven in St. Maarten, Tours, Indre-et-Loire, Touraine, Frankrijk.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • Recordnummer: 14592

    Aantekeningen:

    Odo II van Blois (ca. 983 – Commercy, 15 november 1037) was een van de machtigste feodale vorsten van Frankrijk. Hij was praktisch gesproken onafhankelijk van de koning van Frankrijk, probeerde koning van Bourgondië en Italië te worden, en voerde een eigen oorlog tegen keizer Koenraad II de Saliër.

    Na het overlijden van Odo's vader, Odo I van Blois, hertrouwde zijn moeder, Bertha van Bourgondië, met koning Robert II van Frankrijk. Daardoor werd Odo opgevoed aan het koninklijke hof, totdat Bertha en Robert onder druk van de paus moesten scheiden. In 1004 werd hij graaf van Blois, Chartres, Châteaudun, Provins, Reims en Tours, als opvolger van zijn kinderloos overleden broer Theobald II. Toen zijn vrouw Mathilde jong overleed, kwam hij in conflict met haar broer, Richard II van Normandië, over de stad Dreux die zij als bruidsschat had gekregen. Door arbitrage van koning Robert kon Odo de stad behouden. Odo werd tevens door de koning tot paltsgraaf benoemd.

    Fulco III van Anjou doodde in 1007 een vazal van Odo tijdens een jachtpartij en ging in 1008 als boetedoening op een bedevaart naar het Heilige Land. Odo gebruikte deze gelegenheid om Fulco's bezittingen te plunderen en enkele van zijn kastelen te veroveren. In 1015 ruilde Odo Beauvais voor het beter gelegen Sancerre. Fulco had inmiddels een bondgenootschap gesloten met koning Robert en kwam daardoor in een positie zijn verliezen op Odo terug te heroveren. In 1016 vonden er gevechten plaats over het bezit van de stad Tours. Odo trok met een leger naar Montrichard om dat te veroveren maar werd onderweg overvallen door Fulco bij Pontlevoy. Odo leek de slag te winnen, en had Fulco zelfs gevangengenomen, toen hij werd aangevallen door Herbert I van Maine die Fulco te hulp kwam. Doordat Herbert uit het westen kwam, werd zijn komst door de ondergaande zon pas laat opgemerkt. Herbert wist de cavalerie van Odo op de vlucht te jagen en Fulco te bevrijden. Odo's voetvolk werd uitgemoord. Odo moest zijn veroveri

    In 1023 overleed Odo's neef Stefanus, en Odo erfde zijn graafschappen Troyes, Meaux en Châlons. Dat was zeer tegen de zin van koning Robert, die had geprobeerd om de erfenis aan de kroon te laten vervallen. Samen met keizer Hendrik II kon de Franse koning de macht van Odo enigszins inperken. Ze dwongen hem het gezag over Reims over te dragen aan de aartsbisschop en Dreux op te geven aan de koning. Keizer Hendrik verwoestte enkele kastelen van Odo in Lotharingen. Ook zorgde Robert ervoor dat de Italiaanse adel zijn aanbod aan Odo om koning van Italië te worden, introk. Na de dood van koning Robert II in 1031, streden zijn zoons Hendrik en Robert om de macht. Odo koos de kant van Robert en zijn moeder Constance van Arles. In ruil daarvoor verwierf hij het graafschap Sens en kon zo zijn bezittingen in Midden-Frankrijk en in Champagne met elkaar verbinden. Hij benoemde een partijganger tot aartsbisschop van Sens en wist een aanval van Hendrik en Fulco van Anjou op Sens af te slaan.

    In 1032 overleed Odo's oom, Rudolf III van Bourgondië. Odo was zijn naaste bloedverwant maar Rudolf had zijn koninkrijk bij testament nagelaten aan keizer Koenraad II. Odo trok naar Bourgondië, veroverde Neuchâtel en werd ingehaald in Vienne. In Arles en Marseille werden oorkonden in zijn naam opgesteld. Het conflict breidde zich uit en er werden over en weer plundertochten uitgevoerd in Champagne en in Lotharingen. In 1034 wist keizer Koenraad een verbond te vormen met koning Hendrik van Frankrijk en Humbert Withand en andere Italiaanse edelen. Toen ook de Bourgondische adel steeds meer de kant van Koenraad koos, moest Odo zijn aanspraken op Bourgondië opgeven.

    Het conflict met de keizer was echter nog niet voorbij. In 1037 boden Italiaanse bisschoppen aan Odo de titel van koning van Italië aan, terwijl in feite keizer Koenraad toen ook koning van Italië was. Deze poging mislukte echter toen Bertha van Este, de weduwe van Manfred II Olderik van Turijn, de samenzwering ontdekte en Koenraad waarschuwde. Odo besloot daarop naar Aken te trekken om Kerst in koninklijke stijl te kunnen vieren. Hij nam Bar-le-Duc in maar stootte op een leger van Gozelo I van Verdun en werd door hem verslagen.

    Overleden:
    Odo werd op de vlucht gedood. Zijn lichaam was zo verminkt dat hij alleen kon worden geïdentificeerd aan de hand van een opvallende wrat. Hij werd begraven in de abdij van Marmoutiers in Tours.

    Gezin/Partner: Mathilde. Mathilde is gestorven in 1004. [Gezinsblad] [Familiekaart]

    Gezin/Partner: Irmgard. Irmgard is geboren in 990; is gestorven op 10 mrt 1040. [Gezinsblad] [Familiekaart]

    Kinderen:
    1. 15. Theobald III van Blois  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is geboren in 1012; en is gestorven; is begraven op 30 sep 1089 in St. Maartenskerk, Epernay, Reims, Champagne, Frankrijk.

  2. 13.  Hertog van Bourgondië Hendrik I van Frankrijk Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven (11.Robert7, 9.Hugo6, 7.Hugo5, 4.Robert4, 3.Robert3, 2.Robert2, 1.Robert1) is gedoopt vóór 17 mei 1008 in Reims; is gestorven op 4 aug 1060 in Vitry en Brie; is begraven in Basiliek St Denis, Saint Denis, Parijs, Ile de France, Frankrijk.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • Referentienummer: Huis Capetingen
    • Recordnummer: 14605
    • Titel: Koning van Frankrijk

    Aantekeningen:

    Hendriks verdere regering werd bepaald door de opkomende macht van Normandië en diplomatie met Duitsland. In 1043 was een eerste bespreking met keizer Hendrik III te Carignan (Ardennes), over diens huwelijk met Agnes van Poitou. In 1048 was er een tweede bespreking met Hendrik te Carignan. Een jaar later kwam Hendrik in conflict met de paus. Hendrik verbood zijn bisschoppen om een concilie te Reims bij te wonen maar de bisschoppen die hem gehoorzaamden werden afgezet of geëxcommuniceerd. In 1056 had Hendrik een derde bespreking met keizer Hendrik te Carignan. Hierbij maakte Hendrik aanspraken op het hertogdom Lotharingen en daagde de keizer zelfs uit tot een tweegevecht om de kwestie te beslissen. Keizer Hendrik vertrok echter bij nacht in het geheim uit Carignan, en bleef gewoon leenheer van Lotharingen.
    Huwelijk van Hendrik en Anna (miniatuur uit een 14e-eeuws manuscript).

    Hendrik steunde in 1047 nog de jonge Willem de Veroveraar, zoon van zijn oude bondgenoot Robert, tegen zijn opstandige vazallen in de slag bij Val-ès-Dunes bij Caen. Hierdoor wist Willem definitief het gezag over zijn hertogdom te vestigen. Na zijn huwelijk met Mathilde van Vlaanderen, werd Willems positie echter zo sterk, dat hij een bedreiging werd voor Hendrik. In 1054 trok Hendrik op tegen Normandië, maar werd verslagen toen de Normandiërs bij nacht het Franse kamp bij Mortemer (Seine-Maritime) overvielen. In 1057 deed Hendrik een tweede poging om Willem te onderwerpen, maar bij Varaville werd Hendrik door Willem verslagen, doordat die handig gebruik wist te maken van de rivier en het moeras in het landschap.

    Overleden:
    In 1059 liet Hendrik zijn zoon Filips tot medekoning kronen. In 1060 stichtte hij een kapittel van Sint Maarten in Parijs.
    Hendrik stierf op 4 augustus 1060 in Vitry-en-Brie. Hij werd begraven in de kathedraal van Saint-Denis.
    Hendrik werd opgevolgd door zijn zoon Filips, die toen 8 jaar oud was. Hendriks weduwe, Anna van Kiev, was zes jaar lang regent.

    Hendrik is getrouwd met Koningin van Frankrijk Mathilde van Friesland in 1034 (religious). Mathilde is gestorven in 1044. [Gezinsblad] [Familiekaart]

    Kinderen:
    1. 16. NN van Frankrijk  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is geboren in 1040; is gestorven in 1044.

    Hendrik is getrouwd met Koningin-Gemalin van Frankrijk Anna van Kiev op 19 mei 1051 (religious). Anna (dochter van Jaroslav de Wijze van Kiev en Ingegerd van Zweden) is geboren in 1024; is gestorven op 5 sep 1075 in Of 5-9-1078; is begraven in La Ferté Alais, abdij. [Gezinsblad] [Familiekaart]

    Kinderen:
    1. 17. Koning van Frankrijk Filips I van Frankrijk  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is gedoopt op 23 mei 1052 in Champagne et Fontaine; is gestorven op 29 jul 1108 in Melun, kasteel; is begraven in Abdij van Fleury, Saint Benoît sur Loire, Centre-Val de Loire, Loire, Frankrijk.

  3. 14.  Gravin van Vlaanderen Adela van Frankrijk Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven (11.Robert7, 9.Hugo6, 7.Hugo5, 4.Robert4, 3.Robert3, 2.Robert2, 1.Robert1) is geboren in 1009; is gestorven op 8 jan 1079 in Mesen; is begraven in Mesen, Abdij.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • Recordnummer: 14655

    Aantekeningen:

    De zalige Adela van Mesen, geschiedkundig bekend als Adela (Adelheid) van Frankrijk, (1009 of 1014 - Mesen, 8 januari 1079) was een dochter van koning Robert II van Frankrijk en van Constance van Arles.

    Levensloop

    Adela was eerst verloofd met Richard III van Normandië maar trouwde na diens overlijden met graaf Boudewijn V van Vlaanderen. Haar bruidsschat was Corbie. Hun kinderen waren:

    Boudewijn VI van Vlaanderen
    Mathilde van Vlaanderen
    Robrecht I van Vlaanderen

    Adela speelde een belangrijke rol in de hervorming van de kerkelijke instellingen van het graafschap. Ook was ze betrokken bij de stichting van de kapittels van Ariën (1049), Rijsel (1050) en Harelbeke (1064) en de abdijen van Mesen (1057) en Ename (1063). Na Boudewijns (V) overlijden in 1067 trok zij naar Rome en kreeg uit de handen van de paus de sluier van een non, en trok zich terug in de abdij van Mesen. Desondanks probeerde ze in 1071 nog steun te vinden voor haar kleinzoon Arnulf III van Vlaanderen tegen haar zoon Robrecht. Zij is begraven in de abdij van Mesen

    Adela is getrouwd met Markgraaf van Valencijn Boudewijn V van Rijsel in 1028 (religious). Boudewijn (zoon van Graaf van Saint Pol Boudewijn IV van Vlaanderen en Otgiva van Luxemburg) is geboren in 1013; is gestorven in Rijsel; is begraven op 1 sep 1067 in St. Pietersabdij, Gent, Oost Vlaanderen, Vlaanderen, Belgie. [Gezinsblad] [Familiekaart]

    Kinderen:
    1. 18. Graaf van Holland Robrecht I van Vlaanderen  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is geboren in 1029; is gestorven op 13 okt 1093 in Kasteel van Wijnendale; is begraven in Kassel, Sint Pietersabdij.


Generatie: 9

  1. 15.  Theobald III van Blois Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven (12.Odo8, 10.Odo7, 8.Liutgard6, 5.Adelheid5, 4.Robert4, 3.Robert3, 2.Robert2, 1.Robert1) is geboren in 1012; en is gestorven; is begraven op 30 sep 1089 in St. Maartenskerk, Epernay, Reims, Champagne, Frankrijk.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • Referentienummer: Huis Normandië
    • Recordnummer: 4284

    Aantekeningen:

    Theobald III van Blois (1012 – 30 september 1089) was de oudste zoon van Odo II van Blois uit diens tweede huwelijk met Irmgard van Auvergne, en wist diens machtige positie en bezittingen voor een groot deel te behouden.

    Theobald heeft in 1026 voor zijn vader gevochten bij Saumur en in 1037 in de slag bij Bar-le-Duc (Meuse) waar zijn vader sneuvelde. Na de dood van zijn vader erfde Theobald Blois, Chartres, Dunois, Meaux, Sancerre, Châteaudun, Tours, Sens, Beauvais, Château-Thierry, Provins en Saint-Florentin (Yonne). Theobald en zijn broer Stefanus II van Champagne weigerden aanvankelijk om aan koning Hendrik I van Frankrijk de eed van trouw te zweren, waarop die hen met steun van Anjou aanviel. Uiteindelijk versloeg Godfried II van Anjou Theobald en Stefanus in de slag bij Nouy (bij Saint-Martin-le-Beau) en was Theobald gedwongen om Tours aan Anjou af te staan. In ruil voor Sens en Beauvais verzoende Theobald zich daarna met koning Hendrik en sloot een verbond met hem tegen Anjou. Theobald kreeg de functie van paltsgraaf. Ook verstootte hij zijn vrouw Gersende van Maine, mogelijk wegens de banden van haar familie met Anjou.

    Stefanus overleed in 1048 en Theobald bezette met steun van keizer Hendrik III diens goederen in Champagne hoewel Stefanus' zoon Odo II van Champagne zich daar nog lang tegen verzette. Theobald steunde in 1054 koning Hendrik tegen Normandië en huldigde in datzelfde jaar keizer Hendrik te Mainz voor zijn Lotharingse bezittingen. In 1066 werd hij formeel graaf van Champagne omdat zijn neef zijn aanspraken opgaf en in het gevolg van Willem de Veroveraar naar Engeland trok. Theobald deelde in 1074 zijn macht met zijn zoon Stefanus. Hij was in 1081 nog gastheer van het concilie van Meaux en steunde de paus tegen de koning. Theobald werd begraven in de Sint-Maartenskerk te Épernay.

    Gezin/Partner: Gersende van Maine. Gersende en is gestorven. [Gezinsblad] [Familiekaart]

    Kinderen:
    1. 19. Graaf van Champagne Stephanus II van Blois  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is geboren in 1045; is gestorven op 19 mei 1102 in Ramla.

    Gezin/Partner: Adelheid van Vexin. Adelheid en is gestorven. [Gezinsblad] [Familiekaart]


  2. 16.  NN van Frankrijk Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven (13.Hendrik8, 11.Robert7, 9.Hugo6, 7.Hugo5, 4.Robert4, 3.Robert3, 2.Robert2, 1.Robert1) is geboren in 1040; is gestorven in 1044.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • CREA: 3 nov 2024


  3. 17.  Koning van Frankrijk Filips I van Frankrijk Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven (13.Hendrik8, 11.Robert7, 9.Hugo6, 7.Hugo5, 4.Robert4, 3.Robert3, 2.Robert2, 1.Robert1) is gedoopt op 23 mei 1052 in Champagne et Fontaine; is gestorven op 29 jul 1108 in Melun, kasteel; is begraven in Abdij van Fleury, Saint Benoît sur Loire, Centre-Val de Loire, Loire, Frankrijk.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • Referentienummer: Huis Capetingen
    • Recordnummer: 14604

    Aantekeningen:

    Tijdens de eerste 25 jaar van zijn bewind was Filips volop bezig om zijn binnenlandse positie te versterken, ten koste van de grote leenmannen in het noorden van Frankrijk. Hierin was hij niet altijd succesvol. Een overzicht van de belangrijkste gebeurtenissen:

    1068: Filips verwierf de Gâtinais in ruil voor zijn steun aan Fulco IV van Anjou
    1071: Filips verloor de slag bij Kassel tegen Robrecht I de Fries die de macht in Vlaanderen had gegrepen ten koste van de rechtmatige graaf Arnulf III van Vlaanderen. Filips kreeg de abdij van Corbie in ruil voor de erkenning van Robrecht als graaf.
    1072: versterking van de band met Robrecht door een huwelijk met diens stiefdochter Bertha van Holland
    1076: Filips ontzette de stad Dol die door Willem de Veroveraar werd belegerd
    1077: vrede met Willem die stopte met zijn pogingen om Bretagne te veroveren
    1079: Filips stelde het kasteel van Gerberoy ter beschikking van Robert, de opstandige zoon van Willem de Veroveraar
    1082: Filips annexeerde de Vexin
    1090: Filips verwierf Bourges in Berry

    Problemen met de kerk

    Na 1090 werd Filips' bewind beheerst door zijn huwelijksverwikkelingen en de conflicten met de kerk die daaruit voortkwamen: Filips begeerde Bertrada, de mooie en jonge vijfde vrouw van zijn oude vazal Fulco IV van Anjou. Tegelijk vond Filips dat koningin Bertha dik en onaantrekkelijk was geworden. Dus scheidde hij op 15 mei 1092 van haar en verbande haar van het hof. Daarna trouwde Filips met Bertrada. Bertrada was toen nog niet gescheiden van Fulco.

    Niet alle bisschoppen konden dit accepteren en er kwam verzet tegen deze gang van zaken. In 1094 excommuniceerde de aartsbisschop van Lyon het nieuwe paar. Dit werd in 1095 door de paus bevestigd. Onder druk van de excommunicatie verliet Filips Bertrada, waarop de excommunicatie werd opgeheven; Filips en Bertrada gingen echter weer samenwonen en werden opnieuw geëxcommuniceerd. Dit herhaalde zich enkele malen tot 1104. Toen legden Filips en Bertrada een plechtige eed af om te zullen scheiden, en werd de excommunicatie opgeheven. Natuurlijk braken ze hun eed en bleven bij elkaar maar de excommunicatie werd niet opnieuw ingesteld. Als dank gaf Filips tijdens een ontmoeting in Saint-Denis steun aan paus Paschalis II tegen keizer Hendrik V.

    Overleden:
    Koning Filips I overleed in zijn kasteel in Melun op 29 juli 1108. Hij werd begraven bij het klooster van Saint-Benoît-sur-Loire,
    omdat hij vond dat hij niet waardig was om bij zijn voorvaderen in de kathedraal van Saint-Denis te worden bijgezet.

    Gezin/Partner: Bertha van Holland. Bertha (dochter van Graaf van Holland Floris I van Holland en Geertruida van Saksen Billung) is geboren vóór 1058; is gestorven vóór 1094. [Gezinsblad] [Familiekaart]

    Kinderen:
    1. 20. Lodewijk VI van Frankrijk  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is gedoopt op 1 dec 1081 in Parijs; is gestorven op 1 aug 1137 in Béthisy-Saint-Pierre.

  4. 18.  Graaf van Holland Robrecht I van Vlaanderen Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven (14.Adela8, 11.Robert7, 9.Hugo6, 7.Hugo5, 4.Robert4, 3.Robert3, 2.Robert2, 1.Robert1) is geboren in 1029; is gestorven op 13 okt 1093 in Kasteel van Wijnendale; is begraven in Kassel, Sint Pietersabdij.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • Referentienummer: Huis Vlaanderen
    • Recordnummer: 14653
    • Titel: Graaf van Vlaanderen, Artesië en Zeeland
    • Vermelding: van 1086 tot 1091; Pelgrimstocht naar Jeruzalem

    Aantekeningen:

    Jongere jaren

    Robrecht de Fries was de tweede zoon van graaf Boudewijn V van Vlaanderen en van Adela van Frankrijk. Volgens Lampert van Hersfeld trok hij als jonge man de wereld rond en streed hij in Spanje en Griekenland, maar die verhalen berusten op fantasie. Vermoedelijlk verbracht hij zijn jeugd gewoon in Vlaanderen, tot zijn vader hem koppelde aan Geertruida van Saksen, de weduwe van graaf Floris I.
    Regent van West-Frisia

    Na zijn huwelijk met Geertruida in 1063, vestigde Robrecht zich in West-Frisia. Dit graafschap was vanouds een deel van Frisia, vandaar dat Robrecht al tijdens zijn leven de bijnaam "de Fries" kreeg. Hij deed ten gunste van zijn oudere broer Boudewijn VI, en diens zoon Arnulf III, afstand van zijn aanspraken op het graafschap Vlaanderen. In het najaar van 1070 werden Robrecht en zijn gezin echter uit West-Frisia verjaagd door Willem van Gelre, de bisschop van Utrecht en hertog Godfried III van Neder-Lotharingen. Ze moesten vluchten naar Gent.
    Vlaanderen

    Na het overlijden van Boudewijn VI in 1070 en na het verlies van West-Frisia, kwam Robrecht terug op zijn afstand van Vlaanderen en greep de macht in het graafschap, ten koste van zijn neef Arnulf die de rechtmatige erfgenaam was. Arnulfs moeder, Richilde van Henegouwen, zocht in Normandië steun bij haar zwager Willem de Veroveraar, de man van haar schoonzus Mathilde van Vlaanderen. Ook kreeg zij de steun van koning Filips I, die de belangen van zijn rechtmatige vazal verdedigde. Richildes leger werd op 20 februari 1071 in de slag bij Kassel echter verslagen. De jonge Arnulf werd gedood, en Robrecht was voortaan de graaf van Vlaanderen.

    Nauwelijks een maand na de nederlaag bij Kassel trok Richilde met een gezamenlijk Henegouws en Frans leger ten strijde tegen Robrecht de Fries. Robrecht was in het defensief, maar haalde toen een slimme diplomatieke zet uit. Hij had voordien in Kassel Eustaas, graaf van Boulogne, gevangengenomen. Deze was tevens de broer van Godfried, bisschop van Parijs en kanselier van Filips I. Door een goed woord van laatstgenoemde bij de Franse koning en de vrijlating van Eustaas, zag Filips I af van verdere steun aan Richilde. Robrecht de Fries verzoende zich met de Franse koning en gaf hem zijn stiefdochter Bertha van Holland tot vrouw.

    Richilde probeerde nog een laatste keer om Vlaanderen te heroveren voor haar jongere zoon Boudewijn. Ze sloot een nieuw bondgenootschap met de bisschop van Luik, Godfried III met de Bult, hertog van Neder-Lotharingen, Willem I, bisschop van Utrecht, en de bisschoppen van Verdun en Kamerijk alsook de aartsbisschop van Keulen. Robrecht besloot echter om keizer Hendrik IV te huldigen voor Rijks-Vlaanderen. In ruil daarvoor zorgde Hendrik ervoor dat zijn vazallen en bisschoppen Richilde niet meer steunden. De grote veldtocht tegen Vlaanderen, die Richilde in gedachten had, kwam er niet, en het conflict doofde uit.
    Strijd tegen de bisschop van Utrecht

    Toen Robrecht in Vlaanderen stevig in het zadel zat, hielp hij zijn stiefzoon Dirk V om het graafschap West-Frisia te heroveren. Ze organiseerden samen een aanslag op de hertog van Neder-Lotharingen Godfried met de Bult. Deze werd in Vlaardingen, toen hij 's nachts het toilet bezocht, gespietst met een scherp wapen. Hij stierf op 26 februari 1076. Een paar maanden later, op 8 juni 1076, versloegen Robrecht en Dirk de bisschop van Utrecht in de Slag bij IJsselmonde. Dirk V kwam weer terug als graaf en hij bestuurde Holland tot zijn dood in 1091..
    Betrokkenheid bij de Engelse troon

    De betrekkingen met de Engelse koning Willem de Veroveraar waren na de slag bij Kassel in 1071 verre van vriendschappelijk. Willem de Veroveraar had toen een contingent Normandiërs gestuurd om Richilde te steunen in haar strijd tegen Robrecht. Robrecht steunde de aanspraken van zijn schoonzoon Knoet IV van Denemarken op de (verloren) Engelse troon. Samen waren zij van plan een vloot van 1600 schepen naar Engeland sturen. Het kwam echter niet zover; door een broedertwist tussen de twee Deense prinsen Knoet IV en Olaf. Olaf werd gevangengenomen en naar Robrecht gestuurd. Maar kort daarop, op 10 juli 1086, werd Knoet IV vermoord. Olaf I van Denemarken mocht na betaling van een aanzienlijke som losgeld naar Denemarken terugkeren.
    Pelgrimstocht naar Jeruzalem

    Robrecht de Fries had het plan opgevat om op pelgrimstocht naar Palestina (het "Heilige Land") te trekken (1086–1091) (dus nog geen decennium voor de Eerste Kruistocht). Dus de positie van de christenen was er niet dramatisch slecht en de kruistochten dienden vooral andere belangen.[1] In 1086 vertrok hij vergezeld door een klein leger uit Vlaanderen. Hij liet het bestuur van het graafschap in handen van zijn zoon, de latere Robrecht II.

    Robrecht de Fries verbleef twee jaar in Jeruzalem. Bij zijn terugkeer knoopte Robrecht betrekkingen aan met de Byzantijnse keizer Alexius Comnenus, aan wie hij militaire hulp verleende in diens strijd tegen de Seltsjoeken.[2] In een gevecht reden Robert en drie van zijn metgezellen voor de hoofdmacht van het leger uit in een charge tegen troepen onder commando van Kerbogha, wiens troepen in dit gevecht door de christenen volledig uit elkaar werden geslagen.

    Hervormingen

    Robrecht de Fries staat bekend om zijn binnenlandse hervormingen die hem in staat stelden met de steun van de steden het grafelijk gezag te verstevigen, ten nadele van de voorrechten van de adel en de geestelijkheid. Dit ging niet vanzelf. Arnoldus, bisschop van Soissons en latere stichter van de abdij in Oudenburg, ging in 1083 op reis door het graafschap om de vrede te herstellen tussen de graaf en de adel. Arnoldus zou sterven op 15 augustus 1087 te Oudenburg gedurende een tweede vredestocht. Robrecht de Fries voerde het ambt in van grafelijke kanselier en bevorderde de ontluikende handel. Hij was bovendien geïnteresseerd in letteren en wetenschappen.

    Hij maakte van Brugge een Europees handelscentrum. Door de begrippen godsvrede en -bestand na te leven, bevorderde hij ook de vrede met naburige graafschappen. Brugge werd ook een politiek centrum en hierdoor verplaatste zich het overwicht van het meer Gallicaanse Zuiden naar het meer Dietse Noorden. Hij verbleef vaak in Brugge en bouwde ook een kasteel in Wijnendale waar hij vaak verbleef. Daarnaast verbleef hij soms ook in het kasteel van Veurne.

    Robrecht was een bondgenoot van paus Gregorius VII, maar in de praktijk hield hij zich niet aan diens Gregoriaanse hervorming. Hij bemoeide zich namelijk zelf nadrukkelijk met bisschopsbenoemingen

    Vermelding:
    Robrecht de Fries had het plan opgevat om op pelgrimstocht naar Palestina (het "Heilige Land") te trekken (1086–1091) (dus nog geen decennium voor de Eerste Kruistocht). Dus de positie van de christenen was er niet dramatisch slecht en de kruistochten dienden vooral andere belangen.[1] In 1086 vertrok hij vergezeld door een klein leger uit Vlaanderen. Hij liet het bestuur van het graafschap in handen van zijn zoon, de latere Robrecht II.

    Robrecht de Fries verbleef twee jaar in Jeruzalem. Bij zijn terugkeer knoopte Robrecht betrekkingen aan met de Byzantijnse keizer Alexius Comnenus, aan wie hij militaire hulp verleende in diens strijd tegen de Seltsjoeken.[2] In een gevecht reden Robert en drie van zijn metgezellen voor de hoofdmacht van het leger uit in een charge tegen troepen onder commando van Kerbogha, wiens troepen in dit gevecht door de christenen volledig uit elkaar werden geslagen.

    Overleden:
    Robrecht liet in Kassel in 1072 de Sint-Pieterskerk bouwen op de Terrasse du Château (het platform boven op de Kasselberg) om zijn overwinning op de Franse koning te vieren die hij het jaar voordien op de naamdag van Sint-Pieter had behaald. Robrecht werd in 1093 in een crypte onder de kerk begraven.
    In 1787 begon men met de afbraak van de kerk.
    Tijdens de Franse Revolutie werden zijn asresten opgegraven en in een goot gegooid.

    Robrecht werd opgevolgd door zijn zoon, Robrecht II van Jeruzalem, aan wie hij reeds vóór zijn vertrek op pelgrimstocht gedeeltelijk het bestuur van zijn graafschap overdroeg (sinds 1080)

    Robrecht is getrouwd met Geertruida van Saksen Billung in 1063 (religious). Geertruida (dochter van Hertog van Saksen Bernard II van Saksen en Eilika van Schweinfurt) is geboren in 1033; is gestorven in Veurne; is begraven op 4 aug 1113 in St. Walburgakerk, Veurne, West Vlaanderen, Vlaanderen, Belgie. [Gezinsblad] [Familiekaart]



Generatie: 10

  1. 19.  Graaf van Champagne Stephanus II van Blois Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven (15.Theobald9, 12.Odo8, 10.Odo7, 8.Liutgard6, 5.Adelheid5, 4.Robert4, 3.Robert3, 2.Robert2, 1.Robert1) is geboren in 1045; is gestorven op 19 mei 1102 in Ramla.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • Vermelding: Eerste Kruistocht
    • Vermelding: Tweede Kruistocht
    • Referentienummer: Huis Normandië
    • Recordnummer: 4830
    • Titel: Graaf van Blois, Chartres, Dunois, Châteaudun, Sancerre en Meaux

    Aantekeningen:

    Stefanus II Hendrik van Blois (?, 1045 - Ramla, 19 mei 1102) was graaf van Blois, Chartres, Dunois en Meaux, en was een van de leiders van de Eerste Kruistocht.

    Hij was de oudste zoon van Theobald III van Blois en zijn, vrij snel verstoten, eerste echtgenote Garsende van Maine.

    Als jonge man nam Stefanus deel aan de oorlog van Blois tegen Anjou in 1061. In 1074 kreeg hij van zijn vader het bestuur over Blois en Chartres. Hij trouwde in 1080 met Adela van Normandië, een zus van Robert van Normandië en dochter van Willem deVeroveraar. Stefanus nam in 1088 deel aan de mislukte opstand tegen koning Filips I van Frankrijk. Daarna onderwierp hij zich aan de koning. In 1089 volgde hij zijn vader op als graaf van Blois, Chartres, Dunois, Châteaudun, Sancerre en Meaux, en deed hij een schenking aan de abdij van Pontylevoy voor het zielenheil van zijn ouders. Stefanus onderdrukte voor de koning een opstand van graaf Bouchard van Corbeil. Ook verwierf hij door erfenis het graafschap van de Champagne.

    Stefanus nam deel aan de Eerste Kruistocht en ontpopte zich als een van de leiders van de onderneming. Twee van zijn enthousiaste brieven aan zijn vrouw zijn bewaard gebleven. Stefanus was de leider van het beraad van de kruisvaarders tijdens het beleg van Nicea en een van de aanvoerders tijdens het Beleg van Antiochië. Stefanus begon eraan te twijfelen of de stad kon worden ingenomen en kreeg genoeg van de maandenlange ontberingen en gevaren van het beleg. Daarom verliet hij het beleg en keerde terug naar huis, twee dagen na zijn vertrek werd de stad door de kruisvaarders ingenomen. Stefanus kwam thuis met grote schatten maar kreeg al snel de reputatie van een lafaard. Toen hij in 1100 de kans kreeg om met de Kruisvaart van 1101 mee te gaan, stond zijn vrouw erop dat hij meeging. Deze kleine kruistocht wist nog Ankara te veroveren maar was daarna eigenlijk een mislukking. Stefanus wist na de nederlaag bij Mersivan (waar hij Raymond IV van Toulouse wist te redden) via Tarsus naar Antiochië te vlucht

    Stephanus is getrouwd met Adela van Engeland in 1081 (civil) in Breteuil. Adela (dochter van Hertog van Normandië Willem I van Engeland en Hertogin van Normandië Mathilde van Vlaanderen) is geboren vóór 1062; is gestorven op 8 mrt 1137 in Marcigny-sur-Loire, klooster; is begraven in Abbaye aux Dames, Caen, Normandie, Frankrijk. [Gezinsblad] [Familiekaart]

    Kinderen:
    1. 21. Graaf-gemaal van Boulogne Stephanus van Blois  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is geboren in 1096 in Blois; is gestorven in Dover; is begraven op 25 okt 1154 in Faversham, Abdij.

  2. 20.  Lodewijk VI van Frankrijk Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven (17.Filips9, 13.Hendrik8, 11.Robert7, 9.Hugo6, 7.Hugo5, 4.Robert4, 3.Robert3, 2.Robert2, 1.Robert1) is gedoopt op 1 dec 1081 in Parijs; is gestorven op 1 aug 1137 in Béthisy-Saint-Pierre.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • Referentienummer: Huis Capetingen
    • Recordnummer: 14602

    Aantekeningen:

    Lodewijk VI, volledig: Lodewijk Theobald, de Dikke, (Parijs, 1 december 1081 – Château de la Douye te Béthisy-Saint-Pierre, 1 augustus 1137) was koning van Frankrijk van 29 juli 1108 tot 1137. Zijn bijnaam was letterlijk bedoeld, Lodewijk was dik en werd bij zijn leven al "de Dikke" genoemd. Lodewijk werd geboren in Parijs als zoon van Filips I van Frankrijk en Bertha van Holland (1055-1094).

    Lodewijk werd opgevoed in de abdij van Saint-Denis, samen met zijn latere raadsman Suger. In 1092 werd hij benoemd tot graaf van de Vexin en de steden Mantes-la-Ville en Pontoise. Dit plaatste hem in het front tegen Normandië/Engeland. Zijn vader verstootte zijn moeder om te kunnen trouwen met Bertrada van Montfort, wat leidde tot een politieke crisis in Frankrijk. De jonge Lodewijk bleef zo veel mogelijk weg van het hof. In 1097 nam hij deel aan de verdediging van de Vexin tegen Willem II van Engeland en in 1098 werd hij tot ridder geslagen.

    Ondanks de pogingen van zijn stiefmoeder om haar zoons koning te laten worden, werd Lodewijk in 1100 door zijn vader als erfgenaam aangewezen. In dat jaar maakte hij een reis naar Londen. Een poging van Bertrada om hem daar gevangen te laten nemen mislukte. Op de terugweg werd een aanslag op Lodewijk door een geestelijke verijdeld. In 1101 werd Lodewijk benoemd tot graaf van Vermandois. Zijn vader was toen al zo verzwakt dat Lodewijk in feite al als koning regeerde. Hij werd in 1101 vergiftigd maar werd genezen door een joodse arts.

    In 1104 verzoende Lodewijk zich met Bertrada en hij verloofde zich met Lucienne de Rochefort, een verwante van Bertrada. In 1107 verbrak Lodewijk de verloving, met een te nauwe bloedverwantschap als excuus. In 1106 accepteerde Lodewijk dat Hendrik I van Engeland Normandië veroverde, waardoor Engeland en Normandië weer een verenigd rijk werden.
    Koning

    Filips overleed op 29 juli 1108. Lodewijk was formeel zijn erfgenaam maar zijn positie werd bedreigd door zijn stiefbroers.
    Kroning

    Lodewijk werd op 3 augustus 1108 in grote haast te Orléans tot koning gekroond. De kroning kon niet in Reims (de gebruikelijke plaats voor de kroning van Franse koningen) plaatsvinden omdat die stad door een conflict over de bisschopsfunctie onder een interdict viel. Bovendien werd de stad gecontroleerd door Lodewijks halfbroer Filips en diens bondgenoot Theobald IV van Blois. Er waren nauwelijks grote vazallen of kerkvorsten aanwezig bij de kroning.

    De geldigheid van de kroning werd tevergeefs aangevochten door zijn halfbroers. Betrada besloot daarna om zich terug te trekken in een klooster. Guy van Rochefort kwam echter in opstand. Lodewijk veroverde zijn kasteel in Gournay-sur-Marne. Guy stierf en zijn partij werd nu aangevoerd door Hugo van Crécy, die zich weer verbond met Hugo van le Puiset. Omdat Hugo van le Puiset de fout maakte om de gebieden rond Chartres te plunderen, koos Theobald van Blois de kant van Lodewijk. Met de steun van Theobald kon Lodewijk zich handhaven, maar het gebied dat hij daadwerkelijk onder controle had was niet groter dan de regio rond Parijs, Orléans en Senlis. De rest van Frankrijk werd geregeerd door edelen die feitelijk onafhankelijk waren.
    Binnenlandse strijd

    Lodewijk was bijna 30 jaar koning en al die tijd was hij verwikkeld in conflicten met Normandië (en dus ook met Engeland) en lokale opstandige edelen en roofridders binnen zijn eigen domeinen. Vlaanderen en Vermandois waren meestal zijn bondgenoot, Blois en Anjou wisselden regelmatig van kant.

    In 1109 veroverde Lodewijk La Roche-Guyon, op de grens van Normandië. Zijn poging om in 1110 het sterke Normandische kasteel van Gisors te veroveren, liep echter uit op een nederlaag. Dit leidde tot enkele jaren van schermutselingen.

    Lodewijk veroverde het jaar daarop (1111) samen met Theobald IV van Blois Le Puiset en nam Hugo gevangen. Lodewijk bouwde in de omgeving een eigen kasteel, Toury. De Normandische edelman Robert I van Meulan brandschatte Parijs als vergelding voor plunderingen van zijn bezittingen door koninklijke troepen.

    Toen in 1112 de graaf van Corbeil zonder directe erfgenaam overleed, verklaarde de koning dat het graafschap terug toeviel aan de kroon. Theobald van Blois maakte echter ook een aanspraak op het graafschap en koos nu de kant van de opstandelingen. Lodewijk liet in reactie hierop Hugo van le Puiset vrij, met de afspraak dat die zich tegen Theobald zou keren. Ondanks zijn beloften sloot deze zich direct bij de opstandelingen aan, waarop Lodewijk een bondgenootschap met Robrecht II van Jeruzalem sloot. Hugo van le Puiset veroverde het kasteel van Toury maar Lodewijk wist het weer te heroveren. Lodewijk en Rudolf I van Vermandois versloegen in een veldslag Hugo van le Puiset, Hugo van Crecy, Theobald van Blois en anderen. Later dat jaar versloeg en doodde Theobald van Blois Robrecht van Vlaanderen in een veldslag bij Meaux.

    In 1113 sloot hij het eerste verdrag van Gisors met Hendrik I van Engeland. Lodewijk moest hierbij grote concessies doen. Ondertussen bleef Lodewijk evenwel de Normandische tegenstanders van Hendrik steunen. Ook sloot Lodewijk een bondgenootschap met Anjou.

    Lodewijk wist het jaar daarop (1114) ten slotte Hugo van Crecy en zijn familie te onderwerpen. Hugo werd monnik en zijn familiebezit werd door Lodewijk verdeeld: Bray-sur-Seine werd aan Theobald van Blois gegeven. Zelf hield hij Montlhéry, Gometz en Châteaufort. Lodewijk stuurde troepen naar Amiens ter ondersteuning van de bisschop tegen Thomas I van Coucy. Toen Thomas ook nog de moordenaars van de bisschop van Laon onderdak bood, liet Lodewijk hem excommuniceren.

    Lodewijk wist in 1115 Thomas te verslaan, maar kreeg tijdens de strijd een pijl in zijn borst.

    Na de onderwerping van Thomas en het overlijden van diens vader in 1116, gaf Lodewijk het graafschap Amiens aan Adelheid van Vermandois. Dit zou tot een langdurige vete tussen Thomas en de familie van Vermandois leiden.

    Lodewijk onderwierp in 1118 Hugo van le Puiset definitief en dwong hem om naar Palestina in ballingschap te gaan. Lodewijk steunde een opstand van Normandische edelen onder leiding van Willem Clito tegen Hendrik I van Engeland. Willem was een neef van Hendrik en eiste de titel van hertog van Normandië op, omdat Hendrik die titel in 1106 op zijn vader had veroverd. Lodewijk kon echter geen leger sturen door het verzet van Theobald van Blois, die Hendrik steunde. Hendrik wist de opstand grotendeels te onderdrukken.

    Nadat hij in 1119 Theobald had onderworpen en trok hij met zijn leger naar Normandië. Hij veroverde Ivry, maar werd verslagen bij Breteuil. Boudewijn VII van Vlaanderen werd door Hendrik verslagen en gedood. Een nieuwe inval van Lodewijk in Normandië mislukte en hij kon alleen door te vluchten aan gevangenneming ontsnappen. Fulco V van Anjou koos de kant van Hendrik en Lodewijk moest de strijd opgeven.

    Lodewijk intervenieerde in 1122 tegen de lokale graaf in Auvergne ten gunste van de bisschop. Het volgende jaar (1123) mislukte een nieuwe poging om Willem Clito aan de macht te brengen in Normandië.

    In 1126 kwam het opnieuw tot een interventie in Auvergne, waarop de graaf steun vroeg aan de hertog van Aquitanië, die er juist voor koos om nu de koning te huldigen.

    Lodewijk bestrafte in 1127 de moord op Karel de Goede door de betrokkenen van een toren in Brugge te laten werpen. Omdat Karel geen erfgenamen had, wees Lodewijk nu Willem Clito aan als graaf van Vlaanderen, maar die kreeg algauw met veel verzet te maken. Uiteindelijk werd Diederik van de Elzas als nieuwe graaf van Vlaanderen aangesteld. Tijdens Lodewijks afwezigheid kwam het tot een conflict tussen de koningin en de machtige kanselier Stephanus van Garlande, die steeds meer macht voor zichzelf en zijn familie trachtte te verwerven. Adelheid liet daarom de huizen van Stephanus en zijn partijgangers in Parijs verwoesten.

    Het volgende jaar (1128) kreeg Stephanus steun van Theobald van Blois en Hendrik I van Engeland. Na een beleg van twee maanden veroverde Lodewijk samen met Roeland van Vermandois zijn kasteel bij Livry. Lodewijk werd evenwel door een pijl van een kruisboog in het been getroffen en Roeland verloor een oog, maar de macht van Stephanus was gebroken. Hij verzoende zich met Lodewijk en zou zelfs nog een keer kanselier worden.

    In 1129 wees Lodewijk zijn oudste zoon, Filips, die zijn oogappel was, aan als opvolger en liet hem op 14 april tot medekoning benoemen. Het jaar daarop (1130) versloegen en doodden Lodewijk en Roeland van Vermandois Thomas van Marle, nadat die eerder Vermandois had aangevallen en een jongere broer van Roeland had gedood. Filips, Lodewijks medekoning en kroonprins, stierf op 13 oktober 1131 door een ongelukkige val van zijn paard. Lodewijk wees nu zijn zoon Lodewijk, die tot dan toe in de abdij van Saint-Denis was opgevoed, aan als opvolger, die door paus Innocentius II in Reims tot medekoning werd gezalfd en gekroond. In 1132 huldigde de graaf van Vlaanderen, Diederik van de Elzas, Lodewijk als zijn heer.

    Lodewijk trok in 1137, tegen het advies van zijn adviseurs, die van mening zijn dat hij door zijn zwaarlijvigheid (zijn bijnaam is letterlijk bedoeld en werd al tijdens zijn leven gebruikt) en chronische buikklachten niet tot deze onderneming in staat was, op tegen de roofridders van Saint-Brisson-sur-Loire. Lodewijk werd getroffen door dysenterie en overleed.
    Buitenlandse politiek

    Lodewijk trouwde op 28 maart 1115 met Adelheid van Maurienne, wat aangaf dat zijn ambities tot in het zuiden van Frankrijk reikten. In 1119 steunde hij de verkiezing van paus Calixtus II en kwam daarmee in conflict met keizer Hendrik V. In 1124 trok Hendrik V met een leger naar Frankrijk. Het lukte Lodewijk met de steun van Theobald van Blois en de hertog van Aquitanië om een groot leger op de been te brengen. De legers ontmoetten elkaar bij Metz en vanwege de onverwachte sterkte van het Franse leger besloot Hendrik om van strijd af te zien en zich terug te trekken.
    Bestuur

    Lodewijk werd door alle tijdgenoten beschreven als een vriendelijke en vrolijke man. Hij was ook een krachtdadige koning en van groot belang voor de vestiging van de koninklijke macht in Frankrijk. Onder zijn bewind bloeiden de economie en de steden in de gebieden die onder zijn bewind stonden. Vanaf 1110 gaf hij steden stadsrechten. Bij zijn dood was Parijs de grootste stad van Frankrijk. Lodewijk stichtte daar de abdij van Saint-Victor, de priorij van Saint-Lazare en een vrouwenklooster op de Montmartre. Hij stelde een jaarmarkt in te Parijs en liet de oude Romeinse brug door een nieuwe stenen brug vervangen. Lodewijk rekruteerde zijn dienaren uit de lage adel en geestelijkheid om zo de macht van de grote adellijke families in te perken. Hij dwong zijn directe vazallen om zijn wetten te hanteren en geen eigen wetten te maken. Lodewijk stelde een koninklijke raad in.

    In 1137 werd hij door de stervende hertog van Aquitanië belast met de taak om een goede echtgenoot voor zijn erfdochter Eleonora van Aquitanië te vinden. Lodewijk liet deze kans om de positie van de Franse kroon te versterken niet voorbijgaan en verloofde haar direct met zijn zoon en kroonprins Lodewijk VII van Frankrijk.

    Overleden:
    Château de la Douye

    Gezin/Partner: Adelheid van Maurienne. Adelheid en is gestorven. [Gezinsblad] [Familiekaart]

    Kinderen:
    1. 22. Koning van Frankrijk Lodewijk VII van Frankrijk  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is geboren in 1120; is gestorven op 18 sep 1180 in Saint-Pont, Frankrijk; is begraven in Basiliek St Denis, Saint Denis, Parijs, Ile de France, Frankrijk.


Generatie: 11

  1. 21.  Graaf-gemaal van Boulogne Stephanus van Blois Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven (19.Stephanus10, 15.Theobald9, 12.Odo8, 10.Odo7, 8.Liutgard6, 5.Adelheid5, 4.Robert4, 3.Robert3, 2.Robert2, 1.Robert1) is geboren in 1096 in Blois; is gestorven in Dover; is begraven op 25 okt 1154 in Faversham, Abdij.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • Referentienummer: Huis Normandië
    • Recordnummer: 4249
    • Titel: Hertog van Normandië
    • Titel: Koning van Engeland

    Aantekeningen:

    Stefanus werd in Frankrijk geboren als zoon van Stefanus II van Blois, graaf van Blois en Chartres, en Adela van Engeland, de dochter van Willem de Veroveraar. Hij stond in bijzondere gunst bij zijn oom, koning Hendrik I van Engeland, en verkreeg van hem in 1115 de graafschappen Lancashire, Mortain en werd heer van Eye. Hij verbleef vooral op zijn Normandische bezittingen en vocht meerdere conflicten uit met andere edelen. Voor 1125 trouwde Stefanus met Mathilde van Boulogne, de erfdochter van graaf Eustatius III van Boulogne. In 1127 organiseerde hij voor Hendrik een campagne tegen Willem Clito, de nieuwe graaf van Vlaanderen, en Lodewijk VI van Frankrijk. Hierdoor kon Willem, die een tegenstander van Hendrik was, zich niet handhaven als graaf van Vlaanderen.

    Na de dood van zijn schoonvader erfden Stefanus en Mathilde niet alleen het graafschap Boulogne maar ook zijn grote bezittingen in Normandië en het zuidoosten van Engeland. Stefanus was nu een van de rijkste edelen in Engeland en Frankrijk. Hij waseen belangrijke hoveling in Engeland maar ook een regelmatige gast van Lodewijk VI aan zijn hof in Parijs.
    Opvolging van Hendrik

    Hendrik had geen mannelijke erfgenamen. Voor zijn overlijden had hij daarom zijn edelen, waaronder Stefanus, laten zweren om zijn dochter Mathilde als vorstin te zullen steunen. Toen Hendrik in 1135 stierf, ontstond er een complexe situatie. Veel edelen en kerkvorsten konden niet zomaar een vrouw als koning accepteren, die bovendien getrouwd was met een niet Normandisch/Engelse edelman (Godfried V van Anjou). Er ontstond fel debat over de invulling van het koningschap en tegelijkertijd stelden de edelen uit Normandië Stefanus' oudste broer Theobald IV van Blois kandidaat als koning.

    Stefanus maakte gebruik van de impasse door zich in Londen tot koning uit te roepen. Met steun van zijn broer bisschop Hendrik van Winchester kreeg hij de steun van de koninklijke kanselier en schatbewaarder. Stefanus bezette met een klein leger Canterbury en Dover om een mogelijke invasie te kunnen afslaan. Stefanus kocht de steun van de kerk door te beloven de kerk in vrijheid bisschoppen te laten benoemen. En hij kocht de steun van de edelen en de steden door de belasting voor het Danegeld af te schaffen. Theobald gaf zijn aanspraken op in ruil voor het regentschap van het hertogdom Normandië. Mathilde gaf echter niet toe en daarmee begon een periode van strijd die de hele regering van Stefanus zou voortduren (Anarchie).

    Omdat Stefanus' vrouw ook Mathilde heette, werden zij en de kandidaat-koningin van elkaar onderscheiden door de vrouw van Stefanus "koningin Mathilde" te noemen en de kandidaat-koningin "keizerin Mathilde", omdat ze in haar eerste huwelijk met keizer Hendrik V getrouwd was geweest.

    In de eerste jaren van Stefanus' regering had hij nog een kans om zijn macht te vestigen en een stabiel bestuur op te bouwen. Keizerin Mathilde bezat niet echt de middelen om hem te bedreigen. Belangrijke edelen zagen echter hun kans om voordeel tehalen uit de onzekere situatie. De eerste was koning David I van Schotland, die ook grote Engelse goederen in leen had. In 1136 viel hij met een Schots leger Engeland binnen maar toen Stefanus een groot leger op de been wist te brengen werd in Durham een vrede onderhandeld waarbij David en zijn zoons belangrijke goederen in het noorden van Engeland verwerven. Tijdens een rijksdag erkenden bijna alle edelen het koningschap van Stefanus en de enkele weigeraars werden snel onderworpen, maar Stefanus heeft ze slechts licht of helemaal niet bestraft.

    Inmiddels had Godfried van Anjou Normandië aangevallen. In 1137 onderhandelde Stefanus met veel moeite een overeenkomst waarbij Godfried zich terug trok tegen een betaling van 2000 pond per jaar. De Schotten vielen in 1138 weer het noorden van Engeland binnen. Stefanus viel op zijn beurt Schotland binnen. Over en weer werden gebieden geplunderd en verwoest, totdat een lokaal Engels leger de Schotten wist te verslaan in de slag van de Standaard. Stefanus moest zich terug trekken uit Schotlandomdat zijn neef Robert van Gloucester, bastaardzoon van Hendrik I van Engeland, ontevreden was geworden over de beperkte rol die Stefanus hem had gegeven in het bestuur, en besloot om keizerin Mathilde te steunen. Stefanus wist de meeste gebieden van Robert te veroveren maar zag af van een aanval op Bristol - Roberts belangrijkste machtsbasis. Omdat zijn adviseurs vonden dat hij te mild was voor opstandelingen, liet Stefanus het grootste deel van het garnizoen van Shreswbury vermoorden nadat ze zich hadden overgeg

    Stefanus' broer bisschop Hendrik werd rond deze tijd benoemd tot pauselijk legaat voor Engeland. Stefanus stichtte de abdij van Furness. Koningin Mathilde onderhandelde in 1139 een nieuwe overeenkomst met David van Schotland waarbij die de controlekreeg over Northumbria, inclusief de strategische kastelen van Newcastle upon Tyne en Bamburgh, maar wel Stefanus als koning erkende.

    In 1139 leek Stefanus, afgezien van enkele lokale problemen, duidelijk de macht in handen te hebben in Engeland en Normandië. Maar in dat jaar begonnen de problemen pas echt, voor een groot deel door Stefanus zelf veroorzaakt:

    Stefanus kreeg een ernstig conflict met zijn kanselier, de bisschop van Salisbury. Hierdoor koos diens familie de kant van keizerin Mathilde. Omdat Stefanus in reactie hierop steeds meer de benoeming van vertrouwelingen in kerkelijke ambten doordrukt, en daarmee zijn belofte van 1135 breekt, wordt de relatie met de kerk als geheel slechter.
    Keizerin Mathilde bezocht met Robert van Gloucester onverwacht haar moeder in Arundel. Stefanus was zo nobel om ze een vrijgeleide naar Bristol te geven, terwijl hij ze ook gevangen had kunnen nemen. Mathilde en Robert begonnen toen rondom Bristol een nieuwe machtsbasis op te bouwen.

    Stefanus had nog de gelegenheid om in 1140 de abdij van Coggeshall te stichten. Hij belegerde het kasteel van Lincoln en werd daar op 2 februari 1141 door Robert van Gloucester aangevallen (Slag bij Lincoln). Stefanus werd verslagen en gevangengenomen. Tegelijk was Stefanus' broer Theobald verwikkeld in een conflict met de koning van Frankrijk. Daardoor kon hij niet voorkomen dat Godfried van Anjou Normandië veroverde. Keizerin Mathilde riep zichzelf uit tot "Heerseres van Engeland en Normandië" en begon voorbereidingen voor een kroning. Hendrik, de pauselijke legaat en broer van Stefanus, probeerde een vrijlating van Stefanus te onderhandelen en bood daarbij aan dat Stefanus van de koningstitel zou afzien. Keizerin Mathilde wilde daar niet op ingaan en Hendrik weigerde daarna mee te werken aan de kroning, waardoor die niet door kon gaan. Keizerin Mathilde werd door de boze bevolking uit Londen verjaagd. In september trok zij met een leger naar Winchester om Hendrik te dwingen aan een kroning mee te

    In 1142 werd keizerin Mathilde drie maanden lang belegerd in Oxford maar ze wist op gedurfde wijze te ontsnappen. Stefanus en Hendrik werden in 1143 verslagen door Robert van Gloucester. De paus nam Hendrik in dat jaar zijn functie als pauselijk legaat af. Stefanus had toen alleen nog controle over het noorden en oosten van Engeland en was niet bij machte om een campagne tegen keizerin Mathilde of naar Normandie te ondernemen. Hij had grote problemen om zijn vazallen onder controle te houden.

    Na 1143 volgden enkele jaren van betrekkelijke rust. Dat veranderde toen Robert van Gloucester in 1147 overleed en Hendrik, de zoon van keizerin Mathilde de leiding van de strijd op zich nam. Hendrik was nog jong en wilde in actie komen. Hetzelfde jaar viel hij met een leger van huurlingen Stefanus aan maar de campagne mislukte. Hendrik sloot een overeenkomst met Stefanus waarbij Hendrik zich terugtrok maar Stefanus het achterstallige loon van zijn soldaten zou betalen. Later probeerde Hendrik nog om Stefanus vanuit Schotland aan te vallen maar hij moest vluchten toen Stefanus met een groot leger naar York trok. Hendrik werd gevangengenomen en uiteindelijk teruggestuurd naar Normandië. In 1151 wilde Hendrik Stefanus vanuit Normandië aanvallen, maar blies de onderneming af toen zijn vader overleed. Toen Hendrik in 1152 trouwde met Eleonora van Aquitanië beschikte hij over alle middelen die nodig waren om een grootscheepse invasie te ondernemen. In 1153 stak Hendrik met een legerover naar Engeland en

    Stefanus overleed in 1154 in de priorij van Dover aan ingewandproblemen en inwendige bloedingen. Hij is begraven in de abdij van Faversham, waar zijn vrouw twee jaar eerder ook was begraven.

    Volgens de kronieken was Stefanus een vriendelijke man die graag door iedereen aardig werd gevonden. Hij hield er niet van om hard of streng te zijn en had daardoor op zijn minst een deel van zijn problemen aan zichzelf te wijten. Aan de andere kant had hij een reputatie dat hij zich niet aan afspraken hield. Ook heeft hij meerdere malen edelen een vrijgeleide gegeven om ze vervolgens gevangen te kunnen nemen.

    De "Anarchie" is een periode die geliefd is in Engelse en Amerikaanse fictie. Stefanus wordt daarin meestal als een onbetrouwbare usurpator afgeschilderd.

    Stephanus is getrouwd met Gravin van Boulogne Mathilde van Boulogne vóór 1125 (civil). Mathilde (dochter van Graaf van Boulogne Eustaas III van Boulogne en Maria van Schotland) is geboren vóór 1105; is gestorven in Castle Hedingham; is begraven op 3 mei 1151 in Faversham, Abdij. [Gezinsblad] [Familiekaart]

    Kinderen:
    1. 23. Gravin van Mortain en Boulogne Maria van Boulogne  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is geboren in 1136; is gestorven in 1182 in Montreuil.

  2. 22.  Koning van Frankrijk Lodewijk VII van Frankrijk Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven (20.Lodewijk10, 17.Filips9, 13.Hendrik8, 11.Robert7, 9.Hugo6, 7.Hugo5, 4.Robert4, 3.Robert3, 2.Robert2, 1.Robert1) is geboren in 1120; is gestorven op 18 sep 1180 in Saint-Pont, Frankrijk; is begraven in Basiliek St Denis, Saint Denis, Parijs, Ile de France, Frankrijk.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • Referentienummer: Huis Capetingen
    • Recordnummer: 4806

    Aantekeningen:

    Lodewijk VII de Jongere (geboren 1120 – Parijs, 18 september 1180) was koning van Frankrijk van 1137 tot 1180.
    Lodewijk was de tweede zoon van Lodewijk VI van Frankrijk en Adelheid van Maurienne. Hij was daarom voorbestemd voor een geestelijk ambt en werd opgevoed door de abt Suger van St. Denis,
    de belangrijkste adviseur van zijn vader.

    In 1131 overleed zijn oudere broer door een ruiterongeluk en nu werd Lodewijk de kroonprins.
    Hij werd op 15 oktober 1131 gezalfd en tot medekoning gekroond. Er was nog een complot om Lodewijk te vervangen door zijn jongere broer Robert maar dat werd verijdeld.

    In 1137 overleed hertog Willem X van Aquitanië zonder mannelijke erfgenamen. Hij benoemde zijn oudste dochter Eleonora van Aquitanië tot zijn opvolger en verzocht Lodewijk VI om haar belangen te beschermen en een goede huwelijkskandidaat voor haar te vinden. Voor Lodewijk VI was dit een politiek wonder: het hertogdom Aquitanië met de bijbehorende graafschappen en steden was de grootste, rijkste en machtigste feodale staat van Frankrijk.
    Controle over Aquitanië zou de koning de kans geven om geheel Frankrijk werkelijk aan zijn gezag te onderwerpen – Lodewijk VI en zijn voorouders hadden alleen werkelijk macht over het gebied rond Parijs en Orléans gehad en de grote feodale vorsten vonden zichzelf gelijkwaardig aan de koning.

    Lodewijk VI besloot binnen een dag dat Eleonora met Lodewijk zouden moeten trouwen. Lodewijk trok samen met Suger, Theobald IV van Blois en Roeland I van Vermandois, met een gevolg van 500 ridders, naar Bordeaux.
    Op 25 juli trouwden Lodewijk en Eleonora daar in de kathedraal. Bij het huwelijk werd echter overeengekomen dat Lodewijk geen macht over Aquitanië zou krijgen maar dat alleen Eleonora hertogin van Aquitanië zou zijn.
    Pas een eventuele zoon zou de functies van hertog van Aquitanië en koning van Frankrijk werkelijk verenigen.

    Kort na het huwelijk overleed Lodewijk VI en volgde Lodewijk hem op.

    Het huwelijk van Eleonora en Lodewijk was stukgelopen, en ze hadden nog geen mannelijke erfgenaam geproduceerd. De oude abt Suger verzette zich echter uit alle macht tegen een scheiding.
    Toen die in 1152 overleed, werd de scheiding al snel uitgesproken (11 maart 1152) op grond van te nauwe bloedverwantschap (in die tijd het gangbare excuus voor een scheiding).

    Overleden:
    Lodewijk werd in 1179 getroffen door een beroerte. Hij wees Filips van de Elzas, de Vlaamse graaf aan tot eerste raadgever en begeleider van de op dat ogenblik veertienjarige kroonprins Filips.
    Daarna was hij niet meer in staat om te regeren. Zijn zoon werd in Reims gekroond maar Lodewijk was verlamd en al zo zwak dat hij de ceremonie niet kon bijwonen.
    Een jaar later overleed hij. Lodewijk werd begraven in de abdij Notre-Dame-de-Barbeaux bij Fontainebleau. In 1817 werd hij herbegraven in de Kathedraal van Saint-Denis.

    Lodewijk is getrouwd met Koningin-Gemalin van Frankrijk Eleonora van Aquitanië op 25 jul 1137 (religious) in Bordeaux, kathedraal Saint-André-de-Bordeaux, en is gescheiden van op 21 mrt 1152 in Beaugency. Eleonora (dochter van Graaf van Poitiers Willem X van Aquitanië en Aénor van Châtellerault) is geboren vóór 1122; en is gestorven; is begraven op 1 apr 1204 in Abdijkerk, Fontevraud, Pays de la Loire, Maine et Loire, Frankrijk. [Gezinsblad] [Familiekaart]

    Kinderen:
    1. 24. Gravin van Champagne Maria van Frankrijk  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is geboren vóór 1145; is gestorven op 11 mrt 1198 in Fontaines-les-Nones; is begraven in Cathedrale Saint Etienne, Meaux, Meaux, Ile de France, Frankrijk.
    2. 25. Adelheid van Frankrijk  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is geboren in 1150; is gestorven in 1198.

    Lodewijk is getrouwd met Constance van Castilië in 1154 (religious). Constance is geboren in 00 1140; is gestorven op 4 okt 1160 in Basiliek St Denis, Saint Denis, Parijs, Ile de France, Frankrijk. [Gezinsblad] [Familiekaart]

    Kinderen:
    1. 26. Margaretha van Frankrijk  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is geboren in 00 1158; is gestorven op 20 sep 1197 in Akko.


Generatie: 12

  1. 23.  Gravin van Mortain en Boulogne Maria van Boulogne Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven (21.Stephanus11, 19.Stephanus10, 15.Theobald9, 12.Odo8, 10.Odo7, 8.Liutgard6, 5.Adelheid5, 4.Robert4, 3.Robert3, 2.Robert2, 1.Robert1) is geboren in 1136; is gestorven in 1182 in Montreuil.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • Recordnummer: 4647

    Aantekeningen:

    Ook: Maria van Engeland.

    Maria werd geboren als het jongste kind van Stefanus van Engeland en Mathilde van Boulogne. Ze werd al op jonge leeftijd novice in een klooster in Kent voor ze werd overgeplaatst naar de Abdij van Romsey in Hampshire. In het jaar 1155 werd ze verkozen tot abdis van het klooster.

    Toen haar oudere broer Willem veertien jaar later overleed werd zij de jure gravin van Boulogne. Vanwege die nieuwe macht werd Maria van Boulogne een jaar later uit het klooster ontvoerd door Mattheüs I van de Elzas en dwong hij haar met hem te trouwen. Tien jaar na hun huwelijk werd het huwelijk geannuleerd en hierop trad Maria weer in het klooster in, ditmaal in de benedictijnse abdij te Montreuil waar ze in 1182 overleed.

    Maria van Boulogne (geboren 1136 – overleden Montreuil, 1182) was een dochter van koning Stefanus van Engeland en Mathilde van Boulogne. Zij was gravin van Mortain en Boulogne. Maria werd op jonge leeftijd door haar ouders in een klooster geplaatst. Later werd ze non in de abdij van Romsey en daar werd ze in 1155 tot abdis gekozen. Toen haar laatste broer in 1159 overleed, erfde ze het graafschap Boulogne en de grote bezittingen in Engeland die daarbij hoorden. Voor koning Hendrik II van Engeland was ze nu te belangrijk om in het klooster te laten en hij liet haar in 1160 trouwen met Mattheüs I van de Elzas, een zoon van de graaf van Vlaanderen, Diederik van de Elzas. Dit leidde tot een langdurig conflict met de paus waarin Maria en Mattheus uiteindelijk moesten toegeven. Het paar scheidde in 1170 en Maria werd non in het klooster van Saint-Austrebert (nabij Montreuil).

    Maria is getrouwd met Graaf van Boulogne Mattheüs I van de Elzas in 1160 (civil), en is gescheiden van in 1170. Mattheüs is geboren vóór 1138; is gestorven op 25 jul 1173 in Driencourt. [Gezinsblad] [Familiekaart]

    Kinderen:
    1. 27. Hertogin van Brabant Mathilde I van Boulogne  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is geboren vóór 1163; is begraven op 16 okt 1210 in Sint Pieterskerk, Leuven, Leuven, Vlaams Brabant, Belgie.

  2. 24.  Gravin van Champagne Maria van Frankrijk Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven (22.Lodewijk11, 20.Lodewijk10, 17.Filips9, 13.Hendrik8, 11.Robert7, 9.Hugo6, 7.Hugo5, 4.Robert4, 3.Robert3, 2.Robert2, 1.Robert1) is geboren vóór 1145; is gestorven op 11 mrt 1198 in Fontaines-les-Nones; is begraven in Cathedrale Saint Etienne, Meaux, Meaux, Ile de France, Frankrijk.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • Referentienummer: Huis Capetingen
    • Recordnummer: 4288
    • Titel: Regentes van Frankrijk

    Aantekeningen:

    Zij was de oudste dochter van Lodewijk VII van Frankrijk en van diens eerste echtgenote Eleonora van Aquitanië. Maria trouwde in 1164 met Hendrik I van Champagne.
    Zijn rijkdom stelde haar in staat om in navolging van haar moeder een schitterende hofhouding te voeren en tal van schrijvers en wetenschappers te begunstigen, onder andere:

    Chrétien de Troyes, die zijn werk 'Lancelot of De ridder met de kar' aan haar opdroeg
    Gace Brulé, ridder-troubadour
    Wouter van Arras, schrijver
    Guiot de Provins, schrijver
    Hugo III van Oisy, ridder-dichter
    Godfried van Villehardouin
    Andreas Capellanus
    Walter Map
    Cono van Béthune

    Maria was regentes tijdens de reis van Hendrik naar Jeruzalem (1179/1180) en regentes na zijn overlijden. Ze verloofde zich in 1183 met Filips van de Elzas, graaf van Vlaanderen, maar die verloving werd korte tijd later verbroken. In 1187 nam haar zoon Hendrik het bestuur over maar in 1190 trok hij naar het Heilige Land en werd Maria opnieuw regentes, tot haar zoon Theobald III van Champagne in 1197 meerderjarig werd. Daarna trok Maria zich terug in een het klooster van Fontaines-les-Nones waar ze een jaar later overleed. Ze werd begraven in de kathedraal van Meaux.

    Maria is getrouwd met Graaf van Champagne - Troyes - Brie Hendrik I van Champagne in 1164 (civil). Hendrik is geboren in 1126; is begraven op 16 mrt 1181 in Stefanuskerk, Troyes, Champagne-Ardenne, Aube, Frankrijk. [Gezinsblad] [Familiekaart]

    Kinderen:
    1. 28. Maria van Champagne  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is geboren in 1174; is gestorven op 9 aug 1204 in Akko.

  3. 25.  Adelheid van Frankrijk Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven (22.Lodewijk11, 20.Lodewijk10, 17.Filips9, 13.Hendrik8, 11.Robert7, 9.Hugo6, 7.Hugo5, 4.Robert4, 3.Robert3, 2.Robert2, 1.Robert1) is geboren in 1150; is gestorven in 1198.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • Recordnummer: 14440


  4. 26.  Margaretha van Frankrijk Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven (22.Lodewijk11, 20.Lodewijk10, 17.Filips9, 13.Hendrik8, 11.Robert7, 9.Hugo6, 7.Hugo5, 4.Robert4, 3.Robert3, 2.Robert2, 1.Robert1) is geboren in 00 1158; is gestorven op 20 sep 1197 in Akko.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • Referentienummer: Huis Capet
    • Recordnummer: 14444

    Gezin/Partner: Hendrik de Jongere. Hendrik (zoon van Koning Hendrik II van Engeland Hendrik Plantagenet en Koningin-Gemalin van Frankrijk Eleonora van Aquitanië) is gedoopt op 28 feb 1155; is gestorven op 11 jun 1183 in Martel; is begraven in Rouen, kathedraal. [Gezinsblad] [Familiekaart]





Snelle Links

Contact

Contact
Achternamen
Historie

Bericht Webmaster

Ik doe er alles aan om het onderzoek te documenteren. Als u iets heeft dat u zou willen toevoegen, neem dan contact met mij op.