Geertgen Cornelisdr

Vrouwelijk - 1582


Generaties:      Standaard    |    Compact    |    Verticaal    |    Alleen tekst    |    Register    |    Tabellen    |    PDF

Generatie: 1

  1. 1.  Geertgen Cornelisdr is gestorven in UNKNOWN 1582.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • Recordnummer: 12660

    Gezin/Partner: Quirijn Cornelisz van Montfoort. Quirijn (zoon van Cornelis Gijsbrechtsz en Dirckgen Lourisdr) is geboren in 0UNKNOWN 1527; is gestorven in UNKNOWN 1587. [Gezinsblad] [Familiekaart]

    Kinderen:
    1. 2. Gijsbrecht Quirijnsz  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is gestorven vóór 1581.


Generatie: 2

  1. 2.  Gijsbrecht Quirijnsz Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven (1.Geertgen1) is gestorven vóór 1581.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • Beroep: Slotenmaker te Delft
    • Recordnummer: 12662

    Gezin/Partner: Gerritgen Gerritsdr. Gerritgen en is gestorven. [Gezinsblad] [Familiekaart]

    Kinderen:
    1. 3. Cornelis Gijsbrechtsz Schenaert  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is geboren in JM van Delft; is gestorven na 11 feb 1602.
    2. 4. Arent Gijsbrechtsz Schenaert  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven en is gestorven.
    3. 5. Grietgen Gijsbrechtsdr Schenaert  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven is geboren in 0UNKNOWN 1570 in JD van Leiden; is gestorven vóór 3 dec 1610.
    4. 6. Gijsberta Gijsbrechtsdr Schenaert  Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven en is gestorven.


Generatie: 3

  1. 3.  Cornelis Gijsbrechtsz Schenaert Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven (2.Gijsbrecht2, 1.Geertgen1) is geboren in JM van Delft; is gestorven na 11 feb 1602.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • Vermelding: De 'gehuijrde dootslager'
    • Beroep: Timmergezel
    • Verblijfplaats: Adres:
      Leiden
    • Recordnummer: 12664

    Aantekeningen:

    In het leven van Cornelis Gijsbrechtsz. Schenaert gaat het niet helemaal goed
    en hij begeeft zich gaandeweg op het criminele pad. In november 1592 huurt
    Dirck Willemsz. van Griecken, bijgenaamd Den Rijcken Boer, hem in om mr.
    Jan Meijndertsz. chirurgijn een lesje te leren. Ze gaan samen op 16 novem-
    ber 1592 om 9 uur ’s avonds naar het huis van Bastiaen Joosten, metselaar
    en poorter van Leiden, die woont op de Sint Pieterskerkgracht tegenover
    het huis van de heer van Lokhorst. Met geweld dringen ze het huis binnen,
    waarbij Cornelis met een opsteker en Dirck met een rapier de daar aan tafel
    zittende Jan Meijndertsz. aanvallen. Die weet naar de keuken te vluchten,
    maar krijgt wel een aantal steken toegebracht door Cornelis, die daarbij
    door Van Griecken was aangemoedigd met de woorden ‘steect vrij toe, al
    watter u affcomt, ic zalt u uijtdragen’, zodat het niet veel scheelde of hij had
    Jan Meijndersz. ‘van het leven ter doot gebracht’. Cornelis, die meende de
    klus geklaard te hebben, wil op de vlucht slaan maar Van Griecken (die zijn
    voorgaande belofte vernieuwde) spoort hem aan te blijven, waarna ze zich
    samen zo misdragen dat de man des huizes en zijn huisvrouw genoodzaakt
    zijn ‘tot verzeeckerheijt van haer leven’ eerst naar de turfzolder en daarna
    622
    DECEMBER 2021 | NUMMER 746de man alleen uit het huis te wijken. Tegelijkertijd was ook voorn. mr. Jan
    Meijndertsz. heimelijk uit het huis en naar de turfzolder gevlucht, zodat
    Schenaert en Van Griecken hun kwade voornemen niet konden volbren-
    gen. Ze gaan daarop vloekend en tierend het huis uit, drinken elders nog
    drie of vier pinten wijn, en maken vervolgens nog langer dan een uur voor
    en rondom het genoemde huis straatrumoer, gooien ramen in en beuken
    zo geweldadig op de deur dat een trapladder, waarmee de deur geschoord
    was, in de vloer is gesprongen zodat de man deze huizes (zijn vrouw was
    inmiddels flauw gevallen) zich genoodzaakt voelt uit het venster ‘moord!’
    te roepen. Schenaert en Van Griecken gaan daarop weg en begeven zich
    vervolgens de gehele nacht op straat, waarbij ze ook nog proberen het huis
    van de stedehouder van de officier binnen te dringen en die te grijpen en
    ‘ongemac’ aan te doen.
    Na deze wilde nacht hebben beide heren wel door dat dit niet helemaal in
    de haak is en vluchten de stad uit. Maar Cornelis komt later toch weer een
    paar keer terug in Leiden en wordt uiteindelijk door de schout gevangen
    genomen. Op 6 januari 1593 vindt het proces plaats voor de vierschaar van
    Leiden. De schout als eiser beschrijft de gebeurtenissen die op de avond
    en nacht van 16 november 1592 hebben plaatsgevonden. Hij stelt dat de
    gevangene zich al enige jaren terug begeven heeft tot een ‘geheel ontuchtig,
    ongebonden, goddeloos en roekeloos leven, van kwaad tot erger gaande’, en dat
    deze zich nu heeft laten gebruiken als een ‘gehuijrde dootslager’. De schout
    eist dat de gevangene vanuit de vierschaar naar het plein voor ’s Gravenstein
    wordt gebracht ‘daer men gewoon es den quaetdoenders te straffen’ om daar
    door de scherprechter te worden geëxecuteerd met het zwaard, zodat de
    dood erop volgt en dat al zijn goederen verbeurd zullen worden verklaard.
    De schepenen van Leiden, die het vonnis moeten uitspreken, zijn gelukkig
    voor Cornelis een stuk milder. Na het horen van de eis en conclusie van
    de schout, gehoord hebbende het verweer en de verontschuldiging door de
    gevangene, gezien ook de aangeleverde bewijsstukken, en de bekentenis
    door de gevangene ‘buijten pijne ende bande van ijseren gedaen’, veroorde-
    len ze hem tot verbanning uit Leiden, Rijnland, Den Haag en Haagambacht
    voor de tijd van 6 jaar, ingaande op de dag dat hij uit de gevangenis zal
    worden ontslagen.
    Nu zou je denken dat Cornelis zich voorlopig niet meer in Leiden zal ver-
    tonen, maar daar vergissen we ons in. Op 7 mei 1593 is hij als gevangene
    opnieuw gedaagde in een zaak voor de vierschaar van Leiden. Gijsbrecht
    Trijssens, gesubstitueerd schout van Leiden, als eiser stelt dat de gevangene
    zich in gehoorzaamheid naar het vonnis had horen te gedragen, maar dat
    het hem in tegendeel belieft heeft ‘in cleijnachtinge, jae geheele versmade-
    nisse’ omtrent 3 weken geleden bij daglicht weer binnen Leiden te komen
    met een ‘onlijdelicke trotsmoedicheijt’ en dat hij vervolgens op 16 april ONS VOORGESLACHT | JAARGANG 761593 weer door de schout en zijn dienaar gevangen is genomen. Hierbij
    heeft de gevangene zich tegen zijn aanhouders met een rapier een tijd lang
    verweerd. Omdat de gevangene daarmee zijn verbanning, als ‘een gewoonlic
    quaetdoender, versmader van de jusitite ende bandijt’ heeft overtreden eist
    de schout opnieuw dat de gevangene uit de vierschaar zal worden geleid op
    het plein van ’s Gravenstein en dat hij daar door de scherprechter zal worden
    geëxecuteerd met het zwaard zodat de dood erop volgt en dat al zijn goede-
    ren verbeurd zullen worden verklaard. Ook nu zijn de schepenen een stuk
    milder. Na het horen van de verontschuldiging door de gevangene dat hij in
    dienst van het gemene land meende te mogen volstaan met zijn verleende
    paspoort en ontkenning van zijn verweer bij zijn aanhouding, maar dat het
    een misverstand was, verlengen schepenen de verbanning met de tijd van
    2 jaar. Deze verlenging gaat, weinig verrassend, direct in na het eindigen van
    zijn voorgaande verbanning, zodat hij gedurende de tijd van 8 jaar ingaande
    met de dag van zijn vrijlating, de stad Leiden, Rijnland, Den Haag en Haag-
    ambacht niet mag betreden. Bij overtreding zal hij ‘in en aan zijn lichaam’
    worden gestraft. Hij wordt ook veroordeeld tot betaling van de kosten van
    zijn gevangenschap en blijft gevangen totdat hij deze kosten heeft voldaan. 35
    Vermoedelijk heeft Cornelis Ghijsbrechtsz. Schenaert zich nu wel aan zijn
    verbanning gehouden, want we komen hem niet meer tegen in de crimi-
    nele vonnisboeken van Leiden. De enige vermelding uit zijn periode van
    verbanning is van 21 september 1596 als hij in Zevenhuizen woont en in
    Delft bij een notariële akte optreedt als getuige. 36 Op 11 februari 1602 zien
    we hem weer in Leiden.37 Dat is ook gelijk de laatste vermelding die over
    hem gevonden is.

    Gezin/Partner: Hillegont Adriaensdr Moeijt. Hillegont (dochter van Adriaen Gerritsz Moeijt en Maritgen Quirijnsdr) is geboren in JD van Leiden; en is gestorven. [Gezinsblad] [Familiekaart]


  2. 4.  Arent Gijsbrechtsz Schenaert Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven (2.Gijsbrecht2, 1.Geertgen1) en is gestorven.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • CREA: 21 dec 2021


  3. 5.  Grietgen Gijsbrechtsdr Schenaert Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven (2.Gijsbrecht2, 1.Geertgen1) is geboren in 0UNKNOWN 1570 in JD van Leiden; is gestorven vóór 3 dec 1610.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • Recordnummer: 12669

    Gezin/Partner: Huijbrecht Adriaensz Moeijt. Huijbrecht (zoon van Adriaen Gerritsz Moeijt en Maritgen Quirijnsdr) is geboren in 0UNKNOWN 1567 in JM van Leiden; is gestorven vóór 3 dec 1610. [Gezinsblad] [Familiekaart]


  4. 6.  Gijsberta Gijsbrechtsdr Schenaert Nakomelingen tot dit punt grafisch weergegeven (2.Gijsbrecht2, 1.Geertgen1) en is gestorven.

    Andere gebeurtenis soorten en attributen:

    • CREA: 21 dec 2021





Snelle Links

Contact

Contact
Achternamen
Historie

Bericht Webmaster

Ik doe er alles aan om het onderzoek te documenteren. Als u iets heeft dat u zou willen toevoegen, neem dan contact met mij op.